" Le Comte Ory "

Magistrale vermomming Diego Flores als Comte Ory

" Le Comte Ory "

Top duo Diego Flores en Diana Damrau.

" Le Comte Ory "

Onweerstaanbaar trio Flores-Damrau-DiDonata

" Le Coimte Ory "

Nog een top duo Javier Camerana en Cecilia Bartolie in Le Comte Ory

" Le Comte Ory "

Javier Camarena als Comte Ory.

" Le Comte Ory " van Gioacchino Rossini

Le Comte Ory aan de Metropolitan Opera.
Men heeft de productie laten doorgaan zoals men aan theater deed tijdens Rossini's tijd.

Opera van Gioacchino Rossini in twee bedrijven . 

Libretto van Eugéne Scribi en De Lestre-Poirson

Inleiding.

Na zijn " Mose in Egitto " volgde een ganse reeks  reeks opera's van Rossini die de tand des tijds niet hebben doorstaan en in de vergetelheid zijn geraakt. Toch is het de mode in onze moderne tijden regelmatig te gaan grasduinen in de archieven en af en toen zo nog eens een juweeltje te gaan ontdekken . Zoals onze " Le Comte Ory " die we toch de moeite vinden om op het podium te brengen. Zoals ook de laatste deccennia  toch " Mathilde de Shabran " (1821), " Semiramide " (823), en onze " Le Comte Ory (1828) waar men nu toch regelmatig moderne podiumproducten van maakt.

In 1828 had de eerste opvoering plaats en weeral in de " Opéra Comique " te Parijs met in de hoofdrol terug de grote tenor van zijn tijd Nourrit, de vrouwelijke hoofdrollen gingen naar Cinti-Damoreau en Jeverieck. Het is een merkwaardig frivool werkje, dat muzikaal in veel opzichten als een voorloper van Offenbach beschouwd kan worden en als een Grand Opera gecomponeerd is.

Rolverdeling.                      Stem.                        Eerste Cast. 

Comte Ory -------------------------------------- hoge tenor ----------------------------- Adolphe Nourrit 

Rambaud, een vriend ------------------------ bas-bariton ----------------------Henri-Bernard-Dabadie 

De gouverneur -------------------------------- bas-buffo ----------------------------- Nocolas Levasseur

Een ridder, vriend van Ory ----------------- tenor ---------------------------------------- Alexis Dupont

Contesse Adèie ------------------------------- coloratuur-sopraan -------------Laure Cinti-Damoureau

Isolier, een travestie ----------------------- mezzo-sopraan --------------------- Constance Jawureck

Ragonde , gezelschapsdame --------------- alt -------------------------------------------- Augusta Mori

Alice, een boerenmeisje ------------------- sopraan ------------------------------------- ????? -----------

plaats en tijd: Touraine ten tijde van de kruisvaarten.

Akt.1

Voor de grot van een kluizenaar, met een kasteel op de achtergrond. Boerenmeisjes komen een kluizenaar raadplegen over liefdesaffaires. Onder hen bevindt zich ook Alice. De kluizenaar is eigenlijk de losbandige graaf Ory, die deze vermomming heeft aangenomen  om te trachten zo op het slot van de gravin Adèle te komen, wier broer op kruistocht is. Haar gezellin Ragonde komt uit het kasteel om te protesteren tegen de uitgelaten stemming die er heerst, terwijl de gravin treurt voor haar afwezige broer. Men vertelt haar over de gaven van de kluizenaar, en ze besluit de gravin daar van op de hoogte te brengen. De graaf Ory komt nu als kluizenaar verkleed op en zingt ( een cavatine : " Que les destin prospères ") . Hij wil de jonge meisjes in zijn grot lokken. Rangonde komt tussenbeide en zegt dat de gravin en de oudere dames op het slot gezworen hebben niet met mannen om te gaan, tot hun echtgenoten en broers van de kruistocht zijn teruggekeerd. Zij vraagt de kluizenaar om raad wegens de melancholie van de gravin, hij zegt haar dat hij de gravin zelf wil spreken. Ze gaat haar halen en de kluizenaar gaat zijn grot in met een paar meisjes. Isolier, de page van de graaf, komt nu op met diens gouverneur. De graaf is namelijk altijd zoek, en Isolier is op de gedachte gekomen om hier eens naar uit te kijken. Hij is namelijk zelf verliefd op gravin Adèle, die zijn nicht is. Van de meisjes die uit de grot komen krijgen ze de informatie dat ze direct overtuigd zijn dat de kluizenaar niemand anders kan zijn dan de graaf zelf. De gouverneur gaat zijn gevolg halen, en Isolier spreekt zijn meester aan. Hij vertelt over zijn hartstocht voor de gravin en verraadt hem zijn briljant idee om te trachten op het slot te komen in de vermomming van een non (duet:" Je vais revoir "). De graaf vindt dit een reuze idee, en knoopt het in zijn oor. Gravin Adèle komt inderdaad de kluizenaar consulteren, en zegt dat de enige remedie tegen haar zwaarmoedigheid is , verliefd te worden. Als ze hem haar eed vertelt, ontheft hij haar van haar plicht. Hij waarschuwt haar echter voor Isolier, daardoor de medeminnaar onschadelijk makend. ( trio: " En proie à la stristesse "). Helaas komt juist op dat moment de gouverneur met zijn gevolg terug en verraadt hij de identiteit van de kluizenaar. Ook brengt een bode het bericht dat de kruisvaarders op de terugweg zijn en de volgende dag thuis zullen komen. De graaf Ory neemt zich nu voor die laatste nacht niet onbenut te laten, en Isolier neemt zich voor hem zo goed mogelijk te dwarsbomen.

Akt.2

Op het kasteel. Adèle en Rangonde zingen een ( duet: " Dans ce séjour ") ,rustig de thuiskomst van de kruisvaarders afwachtend. Er steekt echter een storm op, en ze horen buiten een klaaggezang van de pelgrims. Ragonde wordt naar buiten gestuurd om poolshoogte te nemen en komt terug met de boodschap dat het een groep nonnen is die gevlucht zijn voor de graaf Ory. De gravin geeft hun asiel op het kasteel en roept moederoverste bij zich,  natuurlijk niemand anders dan de graaf Ory, die haar bedankt voor haar gastvrijheid, en haar waarschuwt voor de graaf ( duet: " Ah quel respect, madame.) De overige nonnen komen nu op het zijn allen vrienden van de graaf Ory, waaronder Raimbaud en de gouverneur. Ze krijgen te eten, maar helaas geen wijn. Raimbaud weet er echter raad op, en ontdekt de wijnkelder. Die wordt geplunderd en de nonnen gaan zich aan de drank te buiten. Als Rangonde de zaal binnenkomt, worden de flessen vlug onder de rokken verstopt, en verandert het drinklied in een vroom gezang.

Rangonde brengt hen naar hun nachtverblijf en inmiddels komt Isolier het bericht brengen dat de kruisvaarders tijd ingelopen hebben en zij nog dezelfde nacht  zullen thuiskomen. Adèle zegt dat dit wel vervelend is, omdat ze al die nonnen onderdak gegeven heeft, en Isolier begrijpt onmiddellijk wie die zijn. Hij deelt zijn vermoedens mee aan Adèle en deze worden bewaarheid als de deur van de kamer van moederoverste langzaam open gaat. Het is gelukkig pik donker in de zaal, en Isolier plaatst zich tussen de gravin en de naderende graaf Ory. Deze maakt nu in de donker het hof aan Isolier, die op zijn beurt het hof maakt aan de gravin ( trio: " A la Faveur "). Trompetgeschal kondigt de komst aan van de  kruisvaarders aan. Iedereen loopt zenuwachtig de kamer uit. De  nonnen komen, de lichten gaan aan en Isolier zorgt voor de ontknoping.

Ory is razend, maar ontsnapt met Isoliers hulp door een geheime deur, op het moment dat de kruisvaarders de poort inkomen.

Historische uitvoeringen.

Op 20 augustus 1828 had de eerste opvoering plaats in de Parijse Opera, met Cint-Damoreau, Javureck en de toen beroemde tenor Nourrit, de bas Levaseur en de bariton Dabadie. Het is merkwaardig dat dit frivole werkje toch kan beschouwd worden als een grand opera. Het werk is zeer lang verwaarloosd en vergeten geweest, maar het is de laatste drie deccennia terug van onder het stof gehaald en is nu in de moderne tijden zeer populair geworden , vooral door de opvoering van het Glyndebourne gezelschap van Australië die het verschillende speelseizoenen na elkaar op het podium heeft gebracht. In de 21ste eeuw zijn er nu tal van producties die daar hun steentje hebben toe bijgedragen namelijk deze aan de Metropolitan van New York in 2011 en met het Zwitsers gezelschap van de Opera in Zürich met  wereldsterren zoals Diego Flores, Dania Damrau, Joyce DiDonata, Javier Camarena en Celilia Bartoli. In 2014 werd het terug op het podium geplaatst te Parijs waar onze Belgische top diva Jody Devos ook in mee speelt. Nadien volgden ook Florence, Napels en ook aan de Berlijnse staatsopera, merkwaardig genoeg alleen in de Franse versie.

Historische opvoeringen in de lage Landen.

In Gent vind ik wel een heel vroege uitvoering. Een eerste voorstelling namelijk in het speelseizoen 1828/29, het stuk hield er repertoire tot 1873/74. De eerste opvoering aan de grote schouwburg was op 15 september 1841 tijdens de het eerste speelseizoen na de heropening van het nieuw grote theatergebouw aan de Kouter. Met Hébert als de comtesse, Carles als Isolier, Scrievannick als Rangonde en Miroir als de comte Ory tot 1874 zo'n 25 voorstellingen. Dan moeten we wachten voor een nieuwe voorstelling van deze opera tot in 1978 onder het "Festival van Vlaanderen " door de " Deutsche Oper am Rhein " met Laki, Schmidt, Majima, Karrasch , Cousins en Kimara. Deze Franse versie was ook een éénmalige gastvoorstelling.

Discografie en Cinégrafie.

Zoals deze opera verwaarloosd werd met de opvoeringen en de producties zijn de opnames ook aan de magere kant Ik heb er op het internet maar 15 complete uitvoeringen terug gevonden waarvan de oudste pas van 1956 dateert

1) 1956 live opname tijdens het Glyndebourne Festival onder Vittirio Gui met Juan Onicina, Sari Barabas, Cora Canne-Meijer, Monica Sinclair, Michel Roux en Ian Walace op blackdisc EMI cat:RLS 744 (2Lp's Mono), maar ook op CD: Urania cat:WS12109.

2) 1988 studio recording. onder John Eliot Gardiner orkest van de Opera Lyon. Met John Aler, Sumi Jo, Diana Montague, Raquel Pierotti, Gino Quilico en Gillis Cachemaille. op audio CD Philips Classics Records cat: 422 406-2

3) 1998 reeds een eerste op DVD onder Andrew Davis met de London Philharmonic orchestra op het Glyndebourne Festival. Meu Marc Laho, Annick Massis ( voor deze Franse sopraan zelfs een glansrol. Zij was   ook in België zeer actief.) Diana Montague en Jane Shaulis. op DVD NVC arts, cat:  0630 18646-2.

4) 2006 een merkwaardige opvoering aan de " Opera Royal de Wallonie " Luik onder Alberto Zedda, met Marc Laho, Elisabeth Vidal, Ary Ann Stewart, Christine Solhosse, Mac barrard en Nicolas Cavallier. Op compact disc Prelière Opera CDNO 2716-2 (2 cd's 2007).

5) 2011 aan de Metropolitan Opera onder Maurizio Benini met Juan Diego Flores, Diana Damrau, Joyce Didonata, Stéphane Degoiut, Susanne Resmark en Michele Pertusi. Op DVD Virgin Classics

Dit is een zéér merkwaardige opvoering omdat men die heeft laten doorgaan op de manier dat men in Rossini's tijd aan theater deed. De cast is dan ook van topwereldniveau.

6) 2011 in het zelfde jaar ook een topproductie de Zwitserse Opera Zürich onder Muhai Tang, met Javier Camarena, Cecilia Bartoli, Rebeca Olivera, Liliana Nikiteanu, Oliver Widner en Ugo Guagliardi. Ook op DVD Decca cat: 001808509 .

Dit is ook een zéér merkwaardige voorstelling met een wereldcast. het verschil met de vorige voostelling is dat de ene productie op het podium in  Rossini's tijd doorgaat en in Zwitserland de opera verplaatst heeft naar de 21ste eeuw. Ondanks dat ik geen voorstander ben van sommige moderne regiewonderen ben ik wan dit laatste product zeer aangenaam verrast. Deze twee laatste voorstellingen zijn qua kwaliteit zeer sterk aan elkaar gewaagd. Het is de moeite om deze beide producten in je bezit te hebben.

 

 

 

" Le Comte Ory " Opéra Comique Parijs

Zeer klassieke voorstelling aan de " Opéra Comique " Te Parijs waar deze opera geboren is.

Onder leiding van Louis Langrée met Phillipe Talbot, Julie Fuchs, Gaële Arquez, Jean-Sébastien Bou en Jodie Devos (Belgische sopraan)

Duet uit Comte Ory tussen de Comte Ory en Comtesse Adéle (2014)

Taylot Stayton als Comte Ory en Sydney Mancasola als de Comtesse Adéle. opname van 2014
Zeer mooi fragment niet alleen prachtig gezongen maar een staaltje van acteertalent.

Finale Septet uit het tweedde bedrijf " Le Comte Ory ".

Voorstelling uit 2011 met de grote drie Diego Flores - Dania Damreau - Joyce DiDonnata.