" Mireilles "

Inva Mula als Mireilles.

Mireilles

Inva Mula als Mireille en Alein Vernhes als Ramon.

" Mireilles "

Uiterst rechts Anne Catherine Gillet als Vincinette.

" Mireille "

Inva Mula en Nicolas Cavallier als Ambroise.

" Mireilles "

Inva Mula als Mireille en Charles Castronovo als Vincent

" Mireille " van Charles Gounod.

Op dit afiche is de afbeelding van de aller eerste " Mireille " te zien Miolan-Carvalho . Zij zong de rol voor het eerst in 1864 te Parijs.

Opera van Charles Gounod met ouverture en in vijf bedrijven.

Libretto naar het gedicht " Mireïo " van Frédéric Mistral.

Inleiding.

Gounod maakte, ondanks een verblijf aan het keizerlijk hof, waar hij zeer minzaam werd behandeld door de echtgenote van Napoleon III, een periode door van neerslachtigheid ingevolge de mislukking van zijn " La Reine de Saba ". Hij dacht zelfs een ogenblik het componeren op te geven. De mythologische onderwerpen " Alyne, La Reine de Saba en Philémon et Baucis " hadden hem geen voldoening geschonken. Men kon hem echter doen inzien dat hij ongelijk had en geleidelijk werd zijn werklust weer opgewekt. Hij aarzelde een ogenblik tussen " Mignon " en " Mireille ", maar koos uiteindelijk voor " Mireille " naar het gedicht van Frédéric Mistral, de Provincaalse " bard " uit Calendal. Hij was zo getroffen door diens gedicht " Mireïo " , dat hij de dichter vroeg of hij het onderwerp voor een opera mocht gebruiken. Mistral ging er onmiddellijk mee akkoord en Michel  Cané begon dadelijk aan het libretto. Eens het werk  van Cané beëindigd besloot Gounod naar de streek te trekken waar de dichter zijn verhaal had gesitueerd. Hij nam in 1863 zijn intrek te Saint Remy, op enkele kilometer van Arles, op de linker oever van de Rhone. Hij huurde er een kamer in het hotelletje " La Ville Verte " en trok iedere morgen op wandeltocht. Uit Nimes had hij een piano laten brengen, maar hij wou pas definitief aan het werk, na zich de sfeer van de streek te hebben eigengemaakt. De ongerepte wilde natuur, die nergens haar weerga vindt, werd voor hem een bron van inspiratie. Aan de rand van een beek componeerde hij " Heureux petit Berger "  en zijn finale vond hij tijdens een bezoek aan Saint-Maries-de-la-Mer , waar Mistral toen verbleef. Het enige wat hem ergerde waren de brieven van mevrouw Miolan-Carvalho die de titelrol zou creëren en steeds aandrong om haar zangpartij met de nodige glans te componeren. Gounod gaf slechts met tegenzin  toe aan haar verzuchtingen en zou zelfs links en rechts zijn eigen wil doordrijven. Hiervan vindt men het bewijs in de entree-aria van Mireille en haar duet met Vincent, evenals in het gedialogeerde lied van " Magali ". Er is ook nog de " Musette " van de herder en het hoger vermelde " Heureux petit Berger "  Het eigenlijke drama had echter te lijden onder de bemoeizucht van Miolan-Carvalho die de echtgenote was van de directeur van de " Opéra Comique " die het werk voor het eerst zou opvoeren, zodat Gounod  verplicht was na enkele  voorstellingen na de première op 19 maart 1864 die niet het succes oogstte zoals Gounod had vooropgesteld, zijn werk bij te sturen, zodat het werk dichter bij Gounods opvattingen kwam. Het is die laatste herziene versie die meestal wordt opgevoerd.

Rolverdeleing.                      Stem.                       Eerste cast.

Mireille ------------------------------- sopraan (coloratuur) -------- Marie Caroline Miolan-Carvalho

Meester Ramon, haar vader -------------------------bas-------------------------------------- Jules Petit

Vincent, mandenmaker -----------------------------tenor ------------------------------- François Morini

Meester Ambroise, zijn vader -----------------------bas ----------------------------------- Emile Wartel

Ourrias ,stierenfokker ----------------------------- bariton -----------------------------------------Ismaël

Taven, heks -------------------------------- mezzosopraan --------Constance-Caroline Faure-Lefèvre

Andreloun, herder ------------------------ mezzosopraan ------- Constance-Caroline Faure-Lefèvre

Clémence, vriendin van Mireille ----------------sopraan ----------------------------------------Albrecht

Tijd en plaats: Arles midden de negentiende eeuw.

Akt.1

Een moerbei-plantage bij Arles. Meisjes zijn bezig de bladeren te plukken. De oude heks brengt het gesprek op de liefde. Clémence wenst zich een romantische en voorname minnaar toe, maar Mireille heeft bescheidener wensen. Zij is verliefd op de arme mandenvlechter Vincent en zij zingt een ( Wals-ariette : " o légère hirondelle ") . Deze aria kwam niet voor in de oorspronkelijke partituur maar werd speciaal voor de creatie van Miolan-Carvalho op haar verzoek er tussen gelast. Vincent komt op, en vertelt Mireille over zijn zusje Vincenette dat op haar lijkt. Mireille is verrukt over zijn galanterie (duet: " Vincenette à votre âge "). Ze zweren elkaar trouw en spreken af elkaar in geval van nood te ontmoeten in het kerkje in Saint-Maries om daar samen te bidden.

Akt.2

Op een plein voor de Arena van Arles, wordt er feest gevierd. De akte begint met een farandolle. Op verzoek van de jongelieden zingen en acteren Mireille en Vincent de ballade van Magali( Chansson de Magali: " La brise est douce et parfumée ") . Taven  waarschuwt Mireille dat dit het seizoen is waarop vrijers op pad zijn, ze heeft er drie gezien. Alain, de herder, Pascoul, de paardenknecht en Ourrias de stierenkweker ( chanson: " Voici la saison mignonne "). Deze laatste is de uitverkorene van haar vader. Mireille uit haar verontwaardiging hierover en geeft te kennen Vicent trouw te zullen blijven. ( recitatief: " Trahis Vincent " en " aria: " Mon coeur ne peut changer ") Ondanks het feit dat hij de toestemming van haar vader reeds bezit, lacht Mireille hem in zijn gezicht uit. Maître Ambroise, de vader van Vincent, kiest dit moment om aan  Maître Ramon, de vader van Mireille de hand van diens dochter voor zijn zoon te vragen. Deze wordt echter geweigerd en Ramon zegt dat hij als familievader een absoluut recht heeft te beslissen over het lot van zijn dochter. Alles wat Mireille hier tegen aanvoert versterkt zijn koppigheid. Tenslotte verloochent Ramon haar en wil haar wegjagen, maar plotseling bedenkt hij zich en gebiedt hij haar te blijven, al zou hij haar handen en voeten moeten vastbinden. 

De finale bereikt haar climax in Mireilles smeekbede ( " A vos pieds hélas me voila ") De woede van Maître Ramon keert zich ten slotte tegen Vincent en Maître Ambroise .

Akt. 3

De Val d'Enfer, een woeste plek in de Camargue, bij de Feeëngrot waar Taven woont. Ourrias is hier gekomen om Taven een toverdrank te vragen die Mireilles liefde voor hem zal moeten opwekken, hij komt er echter niet toe, maar wacht Vincent op, die hier langs moet komen. Deze komt inderdaad, en na een twist tussen de twee mannen stoot Ourrias hem neer met zijn grote drietand. Hij vlucht weg, en Taven neemt de zwaar gewonde Vincent bij zich op.

Aan de oever van de Rhone, Ourrias wil overgezet worden, op zijn vlucht uit de landstreek, denkend Vincent te hebben vermoord. De rivier krijgt hier een psychische betekenis voor hem, als van de Lethe. Als hij maar de andere kant kan bereiken, dan zal de rust wel terugkeren. De rivier blijkt echter de Styx te zijn . Geheimzinnige stemmen weerklinken, en in het maanlicht ziet hij de schimmen over het water glijden. Het zijn de geesten van de zelfmoordenaars die zich in de rivier verdronken en die nu in de nacht van St. Medarus zich manifesteren. Op zijn " hola " geroep verschijnt de veerman met zijn bootje. Is het echter de veerman wel ? Hij is geheel in het zwart gekleed. Ourrias stapt er in het bootje en zinkt met hem naar de diepte. Deze scéne wordt helaas al te vaak weggelaten. Het is nochthans een der geniaalste die Gounod heeft gecomponeerd.

Akt.4

Op de boerderij van Ramon. De knechten vieren het St. Jansfeest, en het einde van de oogst. men biedt Mireille bloemen aan, maar zij is treurig en gaat naar haar kamer. Haar vader begint berouw te krijgen over zijn optreden. Een herder buiten speelt op zijn schalmei, en komt naderbij. Het is Andreloux die het lied zingt ( " Le jour se lève " ) Mireille benijdt hem om zijn vrijheid ( in de cavatine : " Heureux petit berger ")  Vincent komt haar vertellen dat haar broer Ourrias is aangevallen, maar dat hij gered is. Mireille besluit een bedevaart voor hem te houden naar het kerkje der Saintes-Maries in de  Crau . De tocht vergt te veel van Mireilles krachten. Zij geraakt uitgeput en zakt tenslotte neer, getroffen door een zonnesteek.

Akt.5

Voor het kerkje der Saintes-Maries, waar een processie plaatsvindt. Vincent vraagt iedereen of men Mireille niet gezien heeft. Hij maakt zich zorgen om haar wetend dat ze zou komen (" aria: " Anges du Paradis ") Tenslotte komt ze wankelend aan. Zij zegt hem wat er is gebeurd in ( een duet: " La foi de son flambeau divin ") Zij sterft in de armen van Vincent en haar vader. Ofwel sterft ze niet en geneest ze door een mirakel van de Saintes-Maries en krijgt  ze van haar vader Vincent als man. Dat laatste hangt af van de versie die men opvoert want er bestaan van deze opera wel vier herwerkingen.

Historische uitvoeringen.

Er zijn van deze opera meerdere versies. De eerste opvoering had plaats in het zelfde "Théâtre Lyrique " waar " Faust " was gegeven, en waar Gounod sindsdien in 1860 de  opera comique " Philémon et Baucis " had geschreven, waarin eveneens  Miolon-Carvalho de hoofdrol had gezongen. De opera bestelt nog een werk bij Gounod " La Reine de Saba " in 1862. Daarna keerde hij terug naar Carvolho en diens vrouw, en schreef hij Mireille welke haar première beleefde op 19 maart 1864 en natuurlijk met Miolan-Carvalho in de titelrol. Deze originele versie was in vijf akten zoals hierboven beschreven, maar nog met gesproken dialogen  dus oorspronkelijk was het een opera comique. Maar er bestaat veel verwarring rond dit werk. Gounod maakte ook een speciale versie voor de " Opéra Comique ", waar hij scénes van de Val d'Enfer, De Rhone en de Crau te somber en dramatisch vond. Hij versneed het werk dus tot drie akten, om er ook nog de scéne ten huize van Maître Ramon uit te knippen en de rol van Vincenette en Taven aan elkaar te koppelen. Als toppunt wijzigde hij ook het slot en liet hij Mireille leven. Het is nu deze zwaar verminkte versie die de erkenning van dit meesterwerk in de weg gestaan heeft. In de originele versie is het een van de origineelste werken in het Franse repertoire, te vergelijken met de Duitse " Freischutz ".

Er zijn nog enige andere versies van de finale in de tweede akt. In 1906 kwam men op de gelukkige gedachte " Mireille " op te voeren in de Arena van Arles, waar de tweede akte zich afspeelt. Aline Vallendri zong toen de hoofdrol. In 1954 voerde het festival van Aix-en-Provence  het werk op in een andere historische omgeving, namelijk in de Val d'Enfer, Mireille was toen Janette Vivalda. Deze opvoering werd door Columbia op plaat uitgebracht en blijkt nu de allereerste volledige opname te zijn onder André Cluytens, met Janette Vivalda, Nicolai Gedde, Michel Dens, Marcello Cortis, André Vessieres, Christiane Gayroud en Madeleine Jignal. Hoewel Mireille in Frankrijk nog steeds een repertoirestuk is ( helaas vaak nog in de zwakke derde versie) wacht het werk nog steeds op internationale erkenning. In 1865 en 1991 werd het wel eens opgevoerd in Londen en in 1919 voor het eerst aan de Metropolitan Opera met, Maria Barrientos, Charles Hackett en Clarence Whitehill.

Opvoeringen aan de lage landen.

Hoewel in Nederland geen gegevens meer te vinden zijn sinds de tijd der Haagse Franse Opera, ontdekken we in België wel degelijk voorstellingen. In Gent reeds heel vroeg op 2 februari 1865 in de tweede herschreven versie met Baldi als Mireille, De Quercy, Fillol, Guillot, Ladois en  Raynal en zelfs onder de leiding van de componist zelf ook in de herhalingen. Vanaf 2 november 1891 in de versie van vijf bedrijven. Dan terug hernomen in 1904  met Campagnola als Vincent. De 100 ste voorstelling wordt gevierd in 1921. Na de bevrijding van 1944 is het hernomen in 1955/56 en 1956/57 Met Lucy Tilly als Mireille en Robert Vernay en Guy Fouché als Vincent en Jean Laffont als Ourrias. In 1969 hernomen onder de directie Karel Locufier met Carla Rutili als Mireille, Giuseppe Todaro als Vincent, Christian Portaniers als Ramon en Jean Laffont als Ourrias, Yola De Gruyter als Taven de heks, Jeanine Martony als Vincenette , Antoon Haeck als Maître Amboise, Franco Aramini als Andreloun. Dus tot 1969 vind ik in totaal 151 voorstellingen terug alleen in het Frans.

Discografie en Cinégrafie.

In totaal vinden we wel een 15 tal opnames terug waarvan de oudste dateren  van 1941 en 1948 maar het blijken maar hoogtepunten te zijn. De allereerste volledige dus historische opname is van 1954.

1) Eerste volledige opname onder André Cluytenns met het concertorkest " Du Conservatoire de Paris " met Janette Vivaldi, Nicolai Gedda, Michel Dens, Christiane Gasraud , Andre Vessiéres, Marcelo Cortis, Christiane Jacquin en Robert Tropin. op Black disc- Columbio 33cx 1299-1301-5 (3LP's).

2) 1979 onder Michel Plasson met het orkest " Du Capitole de Toulouse " met Mirella Freni, Alain Vanzo, Jane Rodes, José Van Dam, Christine Barboux en Gabriel Bacquier. Op CD-EMI CDS 744652-2 ( 2CD's).

3) 2009 op DVD. onder Mark Minkovski, met het orkest de  " l'Opera National de Paris " met Inva Mula, Charles Castronovo, Dylvie Briset, Franck Ferrari, Anne Catherine Gillet (Belgische sopraan) Alain Vernhes, Nocolas Cavallier, Amel Brahim, Djelloul, Ugo Robel en Sebastien Dry op DVD : Encore DVD 3456.

4) Nog een merkwaardige opname maar hoogtepunten  van 1948 met Marthe Angeli als Mireille, Charles Richard, Michel Dens, Lucien Lovano en Ril Donière op CD Malibran Music 522. (1 CD) .  

 

  

" Mireille " Charles Gounod "

Deze voorstelling bewijst dat met beperkte middelen , maar door gebruik van moderne middelen toch een genietbare voorstelling kan opbouwen.
Het orkest " Symphonique Bel Art " staan onder de leiding van Richard Boudarham en is briljant. De cast met Fabienne Conrad als Mireille en Bruno Robba als Vincent zetten een buitengewone vocale prestatie neer . We krijgen hier een hoogwaardige Franse vertolking in een exellente dixi.
Dus een zéér hoogstaande en genietbare voorstelling.

Mireille " La brise est douche et parfumée "

Het duet tussen Mireille en Vincent wordt hier vertolkt door Inva Mula als Mireille en Charles Castronovo als Vincent.

De bezetting van de laatste voorstelling aan de " Koninklijke Opera van Gent " in 1969 met Carla Rutili als Mireille en Giuseppe Todaro als Vincent.

Historisch fragment " Mireile " ' O' Légère hirondelle "

Mooi historisch fragment van 1953 gezongen door Mado Robin (1918-1+960). Deze wals-ariette is speciaal gecomponeerd voor de eerste Mireille " Miolhan Carvalho " en kwam niet voor in de originele versie van de opera en wordt dus ook dikwijls gecoupeerd al naar gelang welke versie er op het podium komt. Deze aria zit vol coloratuur.

Historisch fragment " Mireile "

Dit is zowat de oudste fragment opname uit Mireille door Geouri Boué van 1945.