" Hamlet "

" Hamlet "

Simon Keenlyside als Hamlet 2010

" Hamlet "

Simon Keenlyside als Hamlet en Nathalie Dessay als Ophélie, opera Barcelona

" Hamlet "

De finale van de opera , het duel tussen Claudius en Hamlet

" Hamlet " Ambriose Thomas (1811-1896)

Ambroise Thomas (1811-1896)

 

Opera in vijf bedrijven en zeven tonelen door Ambroide Thomas.

Libretto van Michel Carré en Jules Barbier, naar Shakespeare.

Inleiding.

Ambroise Thomas was 26 toen hij zijn eerste opera schreef, maar stond heel lang in de schaduw van andere grootheden uit zijn generatie zoals Wagner, Verdi, Gounod, en opeens na de glorie periode van Bellini en Donizetti zou hij doorbreken, met twee onvergankelijke werken, in 1966 met " Mignon " en twee jaar later met zijn " Hamlet " op een libretto van Michel Carré en Jules Barbier die het Shakespeare drama hadden bewerkt. Met deze twee werken plaatste de componist zich in de voorste rangen van de Franse musici. Hij werd de opvolger van Auber als directeur van het conservatorium in Parijs in 1871, waar hij reeds leraar compostie was vanaf 1852. Hij ging zo volledig op in zijn pedagogische taak dat hij nog weinig zou componeren. " Hamlet " wordt stellig tot het genre " Le grand opera " gerekend en zeker een van de beste werken in dit genre. Maar in de laatste decennia van de 20ste eeuw zijn deze twee topwerken wel enigszins aan de aandacht verdwenen om ze op het podium te brengen. Maar deze twee Franse werken zijn voor de Koninklijke Opera van Gent wel van groot belang geweest in de operageschiedenis.  

Rolverdeling.                       Stem.                       Eerste cast. 

Claudius , Deense koning -------------------- bas ---------------------------------Jules-Bernard Belval

Gertrude, koningin --------------------------- mezzo-sopraan ------------ Pauline Guéymard-Lauters 

Hamlet, prins van Denemarken ------------ bariton ------------------------------Jean Baptiste Fauré

Polonius, kamerheer ------------------------- bas ------------------------------------------------ Ponsard

Ophelie, zijn dochter ----------------------- coloratuur-sopraan ------------------- Christine Nilsson

Laërte, haar broer --------------------------- tenor ------------------------------------------------ Collin

Een geest -------------------------------------- bas --------------------------------------------------- David

Marcellus, een vriend van Hamlet -------- tenor ------------------------------------------------- Grisy

Horatio, vriend van Hamlet ---------------- bas ---------------------------------- Armand Castelmary

1 ° Grondgraver ----------------------------- bariton ------------------------------------------- Gaspard

2° Grondgraver ------------------------------ tenor -------------------------------------------- Mermant

Tijd en plaats: Elseneur, Denemarken in de middeleeuwen.

Akt. 1

1° Toneel: en kasteel zaal in Elseneur. 

De koningin Gertrude, wier echtgenoot twee maanden tevoren stierf, hertrouwt met haar schoonbroer de nieuwe koning Claudius. Haar zoon Hamlet ontbreekt op de plechtigheid. Hij is zwaarmoedig maar de komst van Ophelie, de dochter van de kamerheer Polonius, leidt zijn gedachten enigszins af. Hij bemint haar en geeft haar dit te kennen in het ( duet: " Doute de la lumiere ") . Haar broer Laërte is door de koning met een missie naar Noorwegen gezonden en laat zijn zuster aan de hoede  van Hamlet achter ( vatine: " Poour mon pays en serviteur ") , Marcellus en Horatio zoeken de prins Hamlet op het feest, om hem mede te delen dat de geest van zijn vader gezien is op het terras van een toren. 

2° Toneel: het terras van de kasteel toren.

Hamlet wacht hier, met Marcellus en Horatio, tot de geest zich zal vertonen ( invocation: " Spectre infernal ? ) . De geest verschijnt en vraagt aan Marcellus en Horatio om hem met zijn zoon alleen te laten. Hij deelt hem dan mee dat hij vergiftigd werd door zijn broer Claudius en dat zijn vrouw Gertrude medeplichtig geweest is. Hamlet zweert hem te zullen wreken.

Akt. 2

3° Toneel: de tuin van het kasteel.

Ophelie beklaagt er zich over dat Hamlet haar sinds gisteren niet meer heeft aangesproken (  aria: " les serment out des ailles ") . De koningin verzekert haar dat Hamlet haar nog steeds bemint ( aria: " Dans son regard plus sombre ") en zij smeekt Ophelie haar kalmerende invloed  op Hamlet te blijven uitoefenen. ( aria: " Ne par pas Ophélie ") . Een hierop volgend duet tussen de koning en de koningin wordt doorgaans gecoupeerd. Hamlet veinst melancholie, maar deelt de koning en de koningin mee dat hij een troep komedianten heeft laten komen om een toneelstuk op te voeren. Deze komen op en zij worden voor het begin door Hamlet op een drinkgelag onthaald, waarbij hij zelf voor de brindisi zorgt met het ( chanson bachique: " O vin disip la  tristesse ") .

4° Toneel: een zaal in het kasteel met een geïmproviseerd toneelpodium.

Het stuk wordt in pantomime uitgevoerd door het ballet, terwijl Hamlet als explicateur fungeert. Het stuk is een getrouwe  imitatie van de moord op de vorige koning en de ractie die dit bij Claudius en Gertrude teweegbrengt doet de laatste twijfel van Hamlet verdwijnen. Hij beschuldigt Claudius van moord, rukt hem de kroon af. Het bedrijf eindigt met een ensemble waarin de hofhouding ontzet is door zijn daad, en er van overtuigd is dat Hamlet waanzinnig is geworden.  

Akt. 3

5° Toneel: het appartement van de koning.

Hamlet peinst er over waarom hij de koning niet gedood heeft toen hij er de kans toe had. Hij zingt hier het equivalent van de monoloog " to be or not ti be " ( "Etre ou pas être "Hij verschuilt zich achter een wandtapijt als hij de koning hoort binnenkomen. Deze knielt op een bidstoel neer en smeekt zijn broer, om vergiffenis. Hamlet zegt tot zichzelf dat dit niet het moment is om hem te doden. Dit moet op de troon geschieden. Hij hoort dan een gesprek af tussen de koning en de kamerheer Polonius waardoor het hem duidelijk wordt dat ook de vader van Ophélie in het complot betrokken was. Vlak voor deze openbaring roept de koning Ophélie binnen en zegt dat zij de toestemming van de koning verworven heeft zodad Hamlet haar kan huwen. deze stoot haar echter van zich af. Hij zegt dat hij niets meer met haar te maken wil hebben ( trio: " Alles dan un Cloîtse, Ophélie ") Hamlet heeft daarna een gesprek onder vier ogen met zijn moeder, waarin hij deze laat blijken te weten welke rol zij bij de dood van zijn vader gespeeld heeft ( duet: " Ah, que votre âme sens refuge ") . De geest van zijn vader verschijnt opnieuw  en zet hem aan tot wraak, maar verzoekt hem, zijn moeder te sparen.

Akt. 4

6° Toneel: een landelijke omgeving aan de oever van een rivier.

Het is een voorjaarsfeest en het bedrijf begint met een groot ballet divertissement. Na afloop hiervan komt  Ophélie, waanzinnig op ( aria  de la folie: "A vos jeux, mes amis ") met de ( ballade: " Pâle et blonde dort sous l'eau profonde ") Zij verdinkt zich in de rivier.

Akt. 5

7° Toneel: het kerkhof.

Twee doodgravers zingen een liedje terwijl zij Ophélies graf delven. Hamlet, die hier rondzwerft, vraagt voor wie het graf bestemd is, maar zij kunnen hem geen antwoord geven. Hamlet weet nog niet dat zij overleden is, wel ,dat ze waanzinnig geworden is. Hij denkt met weemoed aan haar terug ( aria: " Comme une pâle fleur ") . Laërte is ook op het kerkhof gekomen, terug van zijn reis en hij roept Hamlet ter verantwoording. Zij dreigen slaags te geraken, als de lijkstoet van Ophélie opkomt, met Claudius en Gertrude als eerste volgelingen. De geest van Hamlets vader verschijnt weer en geeft te kennen, dat dit het ogenblik is om wraak te nemen. Hamlet doodt de koning Claudius en wordt door het volk tot diens opvolger uitgeroepen.

Historische uitvoeringen.

Hamlet volgde 2 jaar later op zijn " Mignon " en was aanvankelijk een even groot succes. De eerste opvoering had plaats aan de Opéra te Parijs, met de grote en toen wereldberoemde , Jean Baptiste Fauré in de titelrol, Christine Nillson als Ophélie, madame Greumard als Gertrude en Belval als de koning.

Men kan natuurlijk bedenkingen maken tegen het " happy end " der librettisten en van mening zijn dat de operaversie niet in de schaduw van Shakespeares drama kan staan. Als Grand Opera is het stellig een van de beste in dit genre, veel beter dan diegenen die de opera nooit hoorden of zagen willen toegeven. De titelrol bleef tot voor kort een glansrol van alle grote baritons: Battistini, Titta Ruffo, Vanni-Marcoux, Henri Albers, Jean Noté en de Gentenaar Henry Dons om de baritons van de generatie rond de eeuwwisseling van de 19de eeuw te noemen. In de meer recentere generatie vinden we Thomas Hampson, Samuel Ramey, Dmitri Hvorostovsky en Simon Keenlyside terug. Allen maakten ze er een opmerkelijke creatie van maar vooral Titto Ruffo. Het betekent wel iets , dat hij deze opera  liefst acht seizoenen lang aan het Theater Colon in Buenos Aires zong  van 1908 tot 1916.  Daarbij is Ophélie een der aantrekkelijkste rollen voor de coloratuursopraan in het Franse repertoire een glansrol voor Nellie Melba, Galli-Curci, Barrientos, onze Clara Clairbert, en voor de jongere generatie Nathalie Dessay. De koningsrol heeft minder mogelijkheden, maar de koningin behoort tot een der dankbaarste rollen voor de mezzo-sopraan partijen. Het werk heeft sterke dramatische scénes   zoals deze op het torenterras die een Verdiaanse sfeer heeft, vooral ook het duet tussen Hamlet en zijn moeder. Het werk heeft aan zijn popularietijd door de tand des tijds heeft ingeboet, maar verdient in onze tijd zeker een herwaardering, en belangstelling, zoals vele andere oude werken uit de barok een nieuwe toekomst krijgen. Het kan zeker gelden als het beste werk van Thomas. De Italiaanse opera voerde het werk eenmaal op in 1931, met Mariano Stabile, Margherita Salvi, Rheo Tomiolo en Luigi Ferroni. Dit was een proef voor Stabile om buiten Italië te zien hoe de rol  hem lag. Hij maakte er ook een meesterlijke creatie van.

Uitvoeringen in de lage landen.

Deze opera was in Nederland ook zeer geliefd aan de oude Nederlandse opera, met onze Gentse bariton Henry Dons die 2/3 van zijn loopbaan in Nederland zong, later ook met Orelio en mevrouw Engelen-Swering (tussen 1899 en 1927). Ook bij de Franse opera ,waar Leopold Roosen er triomfen in Vierde.

In België was " Hamlet " ook een repertoire stuk met in de rol van Ophélie de Brusselse Clara Clairbert. Het was een van haar glansrollen en als Hamlet de Nederlander Henri Albers en later Tilkin Servais.

In Gent vinden we reeds een eerste voorstelling op 21 februari 1873 met Leavinton, in de rol van de koningin, Hasselmans als Ophélie, Rougé als Hamlet en Jean Baptiste Fauré als de  koning en Laërte werd gezongen door Jourdan. In 1897 werd de rol van Hamlet gezongen door de Henegouwse bariton Jean Noté die hier in Gent debuteerde in 1883 en na WO I directeur werd aan de Munt in Brussel tot 1923. Het werk hield repertoire tot 1958 maar steeds met minder voorstellingen . In de vroege jaren vijftig van vorige eeuw komen we Vina Bovy, Lucy Tilly als Ophélie tegen en Roger Barsac, Gilbert Dubuc en Lucien Cattin als Hamlet, Later tijdens de directie Locufier zijn er nog voorstellingen in 1968 de honderdste verjaardag van de creatie te Parijs in 1868 met Gilbert Dubuc als Hamlet, Lucienne Delvaux als Gertrude, Georgette Cooleman als Ophélie en de koning werd gezongen door Christian Postanier samen goed voor drie voorstellingen. Deze jubileumuitvoeringen waren de laatste aan de " Koninklijke Opera van Gent "  Die jubileumvoorstellingen zijn wel vast gelegd op een piraat opname die uitgebracht is op LP en is enkel nog te vinden op de Amerikaanse markt, on line de integrale versie in het Frans ( ETS- 442 van de Amerikaanse reeks " The Golden Age of Opera "). Er zou nog een in 1979 een fragmentarische voorstelling geweest zijn  op de binnenkoer en de ridderzaal van het slot van Laarne, Hamlet zou gezongen zijn door Zabarylo ook in het Frans . Weer vinden we dus in totaal 146 Franse voorstellingen terug in Gent.

Hieronder een link van een schitterende zeer zeldzame historische opname van 1905 van de Gentse bariton Henry Dons, je vindt er ook een tamelijk uitgebreide biografie van deze Gentse zanger in het Nederlands.  https://www.youtube.com/watch?v=q5bEDpdm_DM  

Historische opnames en cinegrafie. 

1) De jubileumvoorstelling van 1968 te Gent die als een piraatopname is gebeurd is vermoedelijk de uiterst volledige opname van deze opera " Hamlet " uitgebracht voor de Amerikaanse markt. op " The golden age of Opera op Black disc LP - ETS-442 het zouden 3Lp's zijn.

2) 1983 onder Richard Bonynge met het Welsh nationaal opera orkest. Met Sherill Milnes, James Morris, Joan Sutherland, Gösta Winbergh, Barbara Conrad en John Tomlison. op Decca 433875-2 ( 3Lp's) en in 1992 op CD OCLLC 151571064 (2 Cd's).

3) 1994 onder Abtinio de Almeida met het Londen Philarmonie orkest, met Thomas Hampson, June Anderson, Samuel Raymey, Grgory Kunde, Denyce Graves en Michel Trempont. op Cd EMI classics 754820 (2cd's).

4) 2003 op DVD onder Bertrand Billy een productie van Genève maar opgenomen aan het grote Théâtre de Licieu, met Simon Keenlyside, Nathalie Desseay, Beatrice Uria, Daniil Shtoda, markus Hollop en Gustavo Pena op DVD EMI Classics 72439944791 (1 DVD).

 

" Hamlet " van Ambriose Thomas

Mooie volledige opname aan het Théâtre du Châtelet 2000, onder Michel Plaçon met Thomas Hampson, José Van Dam, Nathalie Desseay en Michelle Young.

Drinklied uit " Hamlet " door Jérome Bouttilier 2016

Jerome Boutillier de revelatie aan het festival Pablo Cassals in 2016 opname in de kerk van " Catllar " gepubliceerd door Jerome Bouttilier.

Duet uit Hamlet " Doute de la Lumiere "

Het duet tussen Ophélie en Hamlet met Nathelie Desseay en Simon Keenlyside ;