Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)

De familie Mozart.

Het is onmogelijk vast te stellen wie in het rijk van de kunst de grootste is geweest, Palestrina, Bach, Händel, Beethoven, Haydn, Rossini, Verdi, Puccini of Mozart. Maar zonder maar ook één naam van een kunstenaar te kort te doen, leren we dat er geen veelzijdiger genie op het gebied van de muziek ooit heeft geleefd dan Wolfgang Amadeus Mozart . In een boek over symfonische muziek vormt zijn werk een der belangrijkste hoofdstukken. In een bespreking van kamermuziek nemen zijn composities de eerste plaats in. In zijn kerkelijke muziek bereikt hij met zijn Requiem een onwaarschijnlijk hoogtepunt. Voor solo-instrumenten  heeft hij onvergetelijke muziek gecomponeerd en ook in de inhoud op mijn website over operawerken zal hij een hem toekomende plaats innemen, want nog steeds, nu al meer dan 227 na zijn dood, beheerst hij een groot deel van het internationale operarepertoire.

Mozarts levensloop is te bekend om in het kader van deze website niet meer dan enkele grote lijnen aan te geven, in het bijzonder over zijn vocale werken.

Hij werd geboren in Salzburg op 27 januari 1756 als een zoon van een bekwaam vioolpedagoog en reeds als knaap wekte hij op grote concertreizen als pianist en als violist en weldra ook als componist de verbazing en bewondering van de wereld. Op zesjarige leeftijd trad hij op in Wenen, toen hij acht was in Parijs en Londen. In Italië maakte hij kennis met de opera en op zijn veertiende dirigeerde hij in Milaan zijn eerste belangrijke werk op dit gebied: " Mitridate, re di Ponto ", een werk dat tegenwoordig, evenals een aantal andere jeugdwerken, alleen nog door deskundigen bekend zijn. De rijpheid op het gebied van opera kondigt zich aan in zijn werk " Idomeneo " dat in 1781 in München voor de eerste maal werd uitgevoerd. Daarop volgde in opdracht van de Oostenrijkse Keizer Joseph II het betoverende werk " Die Enführung aus dem Serail ". Hoewel Mozart zich nu met ieder werk een volgroeid  kunstenaar toonde , vervulde hij in Wenen, waarheen hij na droeve ervaringen in Salzburg tenslotte definitief verhuisde, een niets betekende betrekking en bleven zijn bekwaamheden onopgemerkt. Hij heeft het nooit tot een positie gebracht die ook maar in de verte evenredig was aan zijn bekwaamheden en tot enige materiële zekerheid leidde, tot maar uiterst weinig eerbewijzen en titels, die aan velen van zijn tijd wel te beurt vielen, maar die tijdgenoten zijn meestal volkomen vergeten. 

In 1786 ontstond zijn opera " La nozze di Figaro " maar ondanks een vriendelijke ontvangst werd door vijandelijke intriges bewerkstelligd dat het werk spoedig van het speelplan werd genomen. In Praag daarentegen werd hem een liefdevolle ontvangst bereid, die hij met een uitvoering aldaar van zijn " Don Giovanni " (1787) beantwoordde. Drie jaar later componeerde hij " Cosi fan Tutti " en in zijn laatste levensjaar schiep hij het Italiaanse werk " Clemenza di Tito en de Duitse opera " Die Zauberflöte ". Van de 22 operawerken van de hand van Mozart leiden er vijf een intensief theaterleven. " Die Entführung aus dem Serail, Le Nozze di Figaro, Don Giovanni, Cosi fan Tutti, en Die Zauberflöte ", enkele andere zoals " Bastien und Bastienne , La Finta Semplice, La Finta Giardiniera en Idomeneo " worden van tijd tot tijd tevoorschijn gehaald of leiden op zijn minst een " Festival " bestaan. Met deze werken neemt Mozart naast de ons in tijd nader staande componisten zoals Wagner, Verdi, Richard Strauss en Puccini een eerste plaats in op de lijst van uitvoeringen in alle grote operahuizen over de ganse wereld. Wie heeft dat ooit vermoed toen men hem enkele dagen na zijn dood op 5 december 1791, op de Sankt Marxer Friedhof begraafplaats te Wenen haastig onder de grond stopte in een massagraf.

Zijn composities. 

27 pianoconcerten, 5 vioolconcerten, 4 fluitconcerten, 1 hoornconcert, 1 klarinetconcert, 1 hoboconcert , 1 fagotconcert, 41 symfonieën, 25 strijkkwartetten, 7 kwintetten, 17 pianosonates, 7 litanieën - vespers en psalmen, 19 missen en 1 requiem, 54 concertaria's .

Zijn opera's. (22)

- Apollo et Hyacinthus KV38 (1767)

- Bastien und Bastienne KV50 (1768)

- La Finta Semplice KV51 (1768)

- Mitridate KV87 (1770)

- Ascanio in Alba KV111 (1771)

- La Betulia Liberata KV118 (1771)

- Il Sogno di Dcipione KV126 (1772)

- Lucio Silla KV135 (1772)

- Thamos, König in Ägypten KV345 (1773/1775)

- La Finta Giardiniera KV196 (1774)

- Il ré pastore KV208 (1775)

- Zaide KV344 (1779)

- Idomeneo KV366 (1780/1781)

- Die Enrführung aus dem Serail KV384 (1782)

- L'oca del Cairo KV422  (  ? )

- Lo sposo deluso KV430 ( ? )

- Der Schausieldirektor KV486 ( 1786)

- Le Nozze di Figaro KV492 ( 1786)

- Don Giovanni KV527 (1787)

- Cosi fan tutte KV588 (1789)

- Die Zauberflöte KV620 (1791)

- La clemenza di Tito KV621 (1791)