" I Puritani "

Joan Sutherland als Elvira.

" I Puritani "

Franco Vassallo als Sir Riccardo en John Relyea als Sir Giorgio. Metropilitan 2007

" I Puritani "

Anna Netrebko als Elvira Metropolitan 2007

" I Puritani "

Eric Cutler als Arturo Metropolitan 2007

" I Puritani "

" I Puritani "

Marco Stecchi als Giorgio Walton, Maria Fleta als Elvira en Tadeusz Wiiersbicki als Riccardo in " I Puritani ". Merkwaardige voorstelling te Gent 1972
Maria Fleta is de kleindochter van de Spaanse tenor Miguel Fleta en de dochter van de tenor Pierre Fleta

Opera van Vincenzo Bellini in drie akten en vijf tonelen.

Libretto van graaf Pepoli.

Inleiding.

" I Puritani " was de laatste opera van het muzikale genie Vincenzo Bellini. Deze opera werd speciaal geschreven voor het " Théâtre des Italiens in Parijs, waar hij op 25 januari 1835 zijn premiére beleefde. In de bezetting waren de grootste vertolkers van zijn tijd: Giula Grisi als Elvira, Rubini als Artura, Tamburini als Riccardo en Lablanche als Giorgio Walton. Bellini zou acht maanden later op amper 34 jarige leeftijd overlijden, op dezelfde avond dat deze opera het nieuwe seizoen bij de " Italiens " opende. 

Op zijn begrafenis zongen de boven genoemde sterren een " Lacry mosa " dat op de melodie " Credeari misera " was geïmproviseerd. Tenoren van Rubinis formaat die de enorme hoge Ressitura van Arturo kunnen volhouden zijn altijd zeldzaam gebleven, wat de populariteit van dit werk in de weg stond. Het is desondanks het rijpste werk van Bellini, dat de aller grootste mogelijkheden voor een nog briljanter vervolg van zijn carrière voorspelde ook wat de andere rollen betreft, zijn deze nu nog moeilijk te bezetten.

Rolverdeling.                         Stem.                      Eerste cast.

Lord Gualtiero Walton, Elviras vader --------------bas ---------------------------------- Luigi Profeti

Elvira , zijn dochter -------------------------- coloratuur sopraan ------------------------ Giulia Grisi

Lord Arturo Talbot, Elivira's geliefde ---------------tenor -----------------Giovanni Battista Rubini

Sir Giorgio Walton, Elvira 's oom --------------------bas ----------------------------- Luigi Lablanche

Sir Riccardo Forth ---------------------------------- bariton ----------------------- Antonio Tamburini

Sir Bruno Robertson -------------------------- tenor comprimario ----------------------- M. Magliano

Enrichetta, weduwe Karel I ------------------mezzosopraan --------------------------- Maria Amigo

Plaats en tijd: Engeland gedurende de burgeroorlog 1640.

Akt. 1

1° Toneel: een versterkt kasteel in de buurt van Plymouth.

Dit kasteel is bezet door de " Roundheads " (troepen van het parlement) of de Puriteinen, zoals ze door Bellini in de titel worden genoemd. Het kasteel ontwaakt. Soldaten treden aan en vanuit de kapel klinkt het gezang van de ochtenddienst. Riccardo Forth beklaagt zich tegenover een collega officier Bruno, dat de bevelhebber, Lord Gualtiero Walton zijn dochter Elvira eerst aan hem had beloofd maar haar nu laat in het huwelijk laat treden met de royalist Lord Arturo Talbot. ( aria: " Ah per sempre io ti perdei "). Bruno slaagt er maar niet in hem op te monteren.

2° Toneel: het vertrek van Elvira . 

Giorgio Walton, de broer van de bevelhebber, komt zijn nicht Elvira gelukwensen met haar aanstaande huwelijk, niet met Riccardo zoals zij vreesde maar met Arturo, een verbintenis waarvoor Giorgio Walton zich zelf heeft voor ingezet ( duet " Sai com' arde inpetto mio ") . Terwijl men buiten de menigte de bruidegom hoort begroeten, valt Elvira haar geliefde dankbaar om de hals.

3° Toneel: de wapenzaal in het kasteel.

In de wapenzaal wordt het koppel door haar familie begroet. In zijn bekende ( aria: " A te o Caro amor talora ")  verzekert hij Elvira zijn liefde, Gualtiero Walton laat aan zijn broer de taak over Elvira naar het altaar te leiden, daar hij zelf een belangrijke gevangene een gesluierde dame, naar Londen moet brengen. Hij geeft Arturo een vrijgeleide en vertrekt. Terwijl Elvira haar bruidstooi in orde gaat maken met de mooie sluier die ze pas als geschenk van Arturo heeft gekregen, blijft Arturo met de geheimzinnige dame alleen achter. Zij onthult dat ze Enrichetta, de vrouw van de onthoofde koning Karel I is en nu ook voor haar leven vreest. Arturo belooft haar te helpen vluchten. Wanneer de gelukkige Elvira in haar bruidsjurk  verschijnt (polacca: " San vergin vezzosa ") en speels de sluier aan Enrichetta past ziet Arturo hierin een ontsnappingskans. Van de afwezigheid van Elvira gebruikmakend wil hij Enrichetta als zijn bruid laten doorgaan om haar buiten het kasteel in veiligheid te brengen. Riccardo die denkt Elvira voor zich te zien, doet een ultieme poging om het meisje zelf als bruid te krijgen. Wanneer hij echter merkt dat Arturo een gevangene meevoert, laat hij hem zonder moeilijkheden vertrekken en belooft zelfs geen alarm te slaan. Wanneer de bruidsstoet binnenkomt, verklaart hij triomfantelijk dat Artura gevlucht is met de gevangene. Voor Elvira die Arturo van ontrouw verdenkt, is de schok te groot en ze verliest haar verstand.

Akt. 2

4° Toneel: een zaal in het kasteel. 

In het kasteel heerst een bedrukte stemming wegens de geestesziekte van Elvira, wier treurige toestand door Giorgio wordt beschreven in de ( aria: " Cinta di roses ") . Riccardo deelt Giorgio mee dat hij een mandaat van Cromwell heeft dat hem toelaat Arturo op te sporen en aan te houden, om naar het schavot te brengen. 

Elvira komt op en in de grote waanzinscéne ( aria: " Qui la voce sua suave " met het " cabaletta: " Vien diletto ") spreekt ze met Arturo, ze verzekert hem dat haar vader hem alles zal vergeven en dat ze samen gelukkig zullen zijn. Diep ontroerd door dit tafereel, zet Elvira 's oom er nu alles op om Riccardo te overtuigen Arturo te vinden en hem voor Elvira te redden. Wanneer Giorgio Riccardo afschildert hoe hij door wroeging zal gekweld worden indien Elvira van verdriet mocht sterven (duet: " Il rival salvar tu dai ") , belooft Riccardo van zijn wraak af te zien. Zij bevestigen dit samen in een ( stretta: " Suona la tomba  e intrepido "), tenslotte zweren ze zijde aan zijde te zullen strijden.  

Akt. 3

5° Toneel: bos in de buurt van het kasteel.

Niettegenstaande dat hij gevaar loopt, verschuilt Arturo zich in het bos in de buurt van het kasteel, waar hij met moeite aan zijn achtervolgers kan ontsnappen. Wanneer hij Elvira een lied hoort zingen dat hij zelf op deze plaats voor haar zong, beantwoord hij het lied ( aria: " A una fonte affitto e solo ") . Elvira komt naar buiten gelopen en de emotie van het weerzien geneest haar van haar waanzin. Hun groot ( liefdes duet: Viena fra queste braccia - berucht om de hoge re ) wordt gestoord door de komst van de soldaten die Arturo gevangen nemen.

Riccardo die zijn belofte aan Giorgio Walton reeds vergeten is leest het mandaat van Cromwell voor dat Arturo ter dood veroordeelt. Elvira dreigt opnieuw haar verstand te verliezen en beide geliefden willen samen sterven. ( ensemble: " Credeasi miseria "). Op het laatste moment wordt een bode aangekondigd en Giorgio kan iedereen melden  dat de Stuarts nu definitief zijn verslagen en dat Cromwell een algemene genade maatregel heeft uitgevaardigd. waardoor Arturo dus ook gered wordt.

Historische voorstellingen.

Ondanks dat dit het rijpste werk van Bellini's 10 opera's is , heeft de moeilijkheidsgraad van de gezongen partituren er toe bijgedragen dat na de dood van de componist, het heel moeilijk werd om de opera bezet te krijgen. Tenoren van Runini's formaat die de enorme hoge tessitura van de rol van Arturo aankonden waren zeer zeldzaam  , dit stond dus de populariteit in de weg. Ook de andere rollen  vereisten altijd een top cast die niet altijd beschikbaar was. Vele jaren later in 1897 was er een beroemde reprise aan de Scala van Milaan met Regina Pinkert en Alessandro Bonci. Deze laatste werd een generatielang de specialist van de Arturo rol. In 1906 zong hij de beroemde uitvoering bij Hammerstein in de New Yorkse  " Manhattan Opera " eveneens met Pinkert, Ancona en Arimondi.

De Amerikaanse première had wel al in 1844 plaatsgevonden. Aan de " Metropolitan Opera " stond het werk reeds in het eerste seizoen 1883 met Marcella Sembrich, Robert Stagno, Giuseppe Kaschmann en Mirabella op het podium. Daarna beleefde het alleen nog enkele uitvoeringen in 1918 met de Spaanse tenor Hipolito Lazarro, die eveneens een fenomenale hoogte had, hier zong Maria Barrientos de Elvira rol, Giuseppe di Luca Riccardo en José Mardones Giorgio.

Opvoeringen in de lage landen.  

 In Nederland  kon ik geen historische opvoeringen vinden. Zelfs niet aan de " Italiaanse Opera ". ook de Italianen werden afgeschrikt door de  'tenorale' moeilijkheden.

In Brussel beleefde het echter aan de " Monnaie " in 1951 een reprise, merkwaardig genoeg  niet omwille van de tenor, maar voor de primadonna, de Amerikaanse coloratuursopraan Giulia Bardi (ze zong later onder haar eigen naam Sylvia Stahlman), Gilbert Dubuc zong Riccardo.

In Gent vinden we reeds een eerste voorstelling in de Franse versie van Monnier " Les Puritains " op 26 oktober 1841 met Hébert als Elvira, Carles als Henriette, Haly als Riccardo, Boulo als Talbot, Fortado als Gualtiero, Antoine als Bruno steeds repertoire houdend met lange tussen pozen. Reeds zeven maand later de Italiaanse versie op 27 mei 1842 met Ramos als Elvira, Del Vino als Riccardo, Scapini als Gueltiero. In 1908/09 in het Italiaans met Galvani als Elvira. In 1964/65 met Anna Maccianti als Elvira, Yola De Gruyter als Enrichetta, Gianni Iaia als Arturo, Guus Hoekman als Giorgio, Gilbert Dubuc als Riccardo, Arthur Hoogveld als Bruno onder de leiding van Jef Nachtergaele en de regie van Karel Locufier.

Later nog enkele belangrijke herhalingen in 1972/73 en in 1977/78, de belangrijkste bezetting was in 1972/73 met Anna Maccianti als Elvira, Charles Burles als Arturo, Marco Stecchi als Giorgio, Jacques Van De Walle als Gualtiero en Bruno door Arthur Hoogveld en Enrichetta door Yola De Gruyter. Door ziekte geveld werd Anna Maccianti vervangen door niemand minder dan Maria Fleta, wat ik toen nog niet wist dat zij de dochter en kleindochter was van de tenor Pierre Fleta en de kleindochter van de grote Spaanse Tenor Muguel Fleta, zij was opgeleid door haar vader en moeder die ook een diva was geweest. Ze zong reeds van haar twaalf jaar liederen en belcanto aria's . Zij debuteerde op het grote podium in 1969 op haar vijftiende en was al vast aan de opera de Walonie en de Munt te Brussel. Zij viel in voor Anna Maccianta en zo hadden we in 1972 te Gent ook een topcast samen met Stecchi, Burles en Wierszbicki. Het werd een onvergetelijke voorstelling . In het totaal tellen we hier 21 voorstellingen waarvan 10 in de Franse versie en 11 in de Italiaanse vesrie. 

Nog merkwaardig op 4 maart 1841 heeft de componist Frans Liszt hier te Gent in de grote theater een concert met de " VARIATIONS DE BRAVOURE SUR UNE THEME DES PURITAINS " voor piano vertolkt .

Discografie en Cinégrafie.

Ik heb op het internet 25 geregistreerde volledige opnames gevonden, de oudste van 1953.

1) 1953 onder de leiding van Tullio Serafin met Maria Callas, Giuseppe di Stefano, Rolando Panerai, Nicola Rossi-Lemeni koor en orkest van de Scala  van Milaan op audio CD Eli Classics ASIN: B000002RXQ (wel zwaar gecoupeerd) maar heeft zijn historische waarde omdat het de eerste volledige opname is.

2) 1972 onder Julius Rudel met Beverly Sils, Nicolai Gedda, Louis Quilico, Paul Plishka, koor en orkest de London Philharmonic Orchestra en het Ambrosian Opera koor. Op Audio CD: Millenium classics Cat: 471 207-2 . 

3) 2001 onder Gustav Kuhn, met Stefania Bonfadelli, Stefano Secco, Vlasimir Chervon, Michele Pertusi koor en orkest Teatro Massimo Bellini di Catania op Audio CD Arte Nova cat: 74321 87081 2

4) Op DVD opname 2007 onder Patrick Summers met Anna Netrebko, Eric Cutler, Franco Vassallo, John Relyea koor en orkest ' The Metropolitan Opera " op DVD Deutsche Grammophon DDG  00440 073 4421 (2 DVD's)

" I Puritani "

Op Youtube vinden we wel een drietal mooie volledige uitvoeringen waaronder een opgenomen in de " Opera de Wallonie " maar ik kies voor de recentste opname van 2015 aan de opera te Firenze .

Miguel Fleta (1897-1938)

Mooie historische opname van de grote entré-aria van Arturo in " I Puritani " door de Spaanse tenor Miguel Fleta (1897-1938) de grootvader van de sopraan Maria Fleta die in Gent in 1972 de rol van Elvira vertolkte in de gelijknamige opera van Bellini opname van 1923.

" I Puritani "

Het duet uit de 3de akte van "I Puritani " - " Vieni fra questa braccia " door Juan Diego Flores en Mino Machaidze.