" La Favorita "

Luciano Pavarotti als Fernando en Shirley Verrett als Leonora 1978

" La Favorita "

Elina Caranca als Leonora Bayerische Staatsopera 2016

"La Favorita "

Veronica Simeoni als Leonora.

" La Favorita "

John Osborn als Fernando en Veronica Simeoni als Leonora.

" La Favorita "

Mariusz Kwiencien als Fernando en Elina Caranca als Leonora - Bayerische staatsopera 2016

" La Favorita "

Lucienne Delvaux (1916-2015) was zowel te Brussel aan de Munt als aan de Koninklijke Opera van Gent de Leonora in " La Favorita " tussen 1950 -1960.

Opera met ouverture van Gaetano Donizetti in vier akten en vijf tonelen.

Libretto van Alphonso Royer en Gustave Waez naar het drama " Le Comte  de Commingues " van Baculard d' Arnaud. 

Inleiding.

Het is kenmerkend voor Donizetti's veelzijdigheid dat " La Fille du régiment " en " La Favorita " beide uit het zelfde jaar 1840 stammen. Donizetti's Parijse periode. Het is moeilijk twee werken te vinden die een groter contrast vormen. De " Favorita " werd de eerste  maal gebracht in de " Parijse Opera " op 2 december 1840. Hij is dus van origine een " Franse Grand Opera " . En als zodanig heeft het werk zich daar lang staande gehouden, behorende tot het Franse basis-repertoire.

In Italië echter beschouwt men het als een volwaardige Italiaanse opera, en in dit geval staat het vast dat het werk in het Italiaans opmerkelijk beter verkoopt dan in het Frans. Van daar dat internationaal de opvoering meestal in het Italiaans wordt gepubliceerd. De rol van Leonora di Guzmann is een der grootste en dankbaarste rollen in de Italiaanse opera literatuur voor mezzosopranen.

 

Rolverdeling.                           Stem.                    Eerste cast.

Alfonso XI, Koning van Castillië -----------------bariton ---------------------------- Paul Barroilhet

Leonora Di Guzmann, zijn maîtresse ----------mezzosopraan ------------------------ Rosina Stolz

Fernando, jonge noviet ------------------------- tenor --------------------------------Gilbert Duprez

Balthazar, klooster overste ----------------------- bas ------------------------------ Nicolas Levasseur

Inez, hofdame van Leonora ---------------------sopraan ----------------------------------------Eliane

Don Gaspar, officier ------------------------------tenor --------------------------------François Wartel

Tijd en plaats: Castilië, 1340 .

Akt. 1

1° Toneel: In het klooster van San Juan de Compostella .

De abt Balthazar heeft een gesprek met de noviet Fernando, een jonge man die hij voorbestemd heeft om later zijn  opvolger te worden, Fernando geeft echter te kennen het klooster te willen verlaten. Hij is verliefd geworden op een vrouw die hij in de kapel heeft zien bidden, en die zijn rust verstoorde ( aria: " Una vergine un  angial di dio " ) . Balthazar tracht hem op andere gedachten te brengen, en waarschuwt hem voor een teleurstelling, maar Fernando gaat toch heen. Er is een verschil tussen de Franse en Italiaanse versie.In de Italiaanse  laat men door bepaalde uitlatingen doorschemeren dat Balthazar de vader is van de koningin, en een vroegere heerser over Castilië. Ook zijn er vele aanwijzingen dat  Fernando zijn natuurlijke zoon is, hetgeen zijn belangstelling voor hem verklaart.

2° Toneel: een eilandje in een meer.

Inez, de vertrouwelinge van Leonora di Guzmann, zingt met haar gezellinnen een ( aria: " Bei raggi lucenti ") . Een bootje nadert, waarin de geblinddoekte Fernando zit. Hij vraagt welke dame hem hier ontboden heeft, maar Inez weigert hem haar naam en rang te noemen.

Leonora, die in werkelijkheid de maitresse van de koning is, komt nu op en er volgt een liefdesduet. Fernando vraagt de schone onbekende ten huwelijk doch deze zegt dat dit niet mogelijk is. Leonora zegt voor zijn toekomst te zullen verzorgen  op voorwaarde dat hij haar niet meer zal trachtte te zien ( duet: " Sia vero ? lasuarti " ). Fernando staat op het punt terug weggeleid te worden , als Inez geagiteerd komt melden dat de koning nadert. Fernando trekt daardoor een verkeerde conclusie. hij denkt dat Leonora weigert met hem te trouwen omdat zij te hoog in rang is. Leonora en Inez gaan snel de koning tegemoet. Fernando beziet het document dat Leonora hem in de hand gestopt heeft, een aanstelling tot kapitein in het leger. Hij zingt een ( aria: " Si, che un tuo solo accento ") . Deze aria wordt meestal gecoupeerd. 

Akt. 2

3° Toneel: een zaal in het Alcazar.

Zoals koning Alfonso in het ( recitatief: " Gardini d'Alcazar " ) zingt is dit paleis op de Moren veroverd, dankzij de moed van de jeugdige Fernando, die deze dag als overwinnaar in Sevilla verwacht wordt. Men verwacht echter nog iemand anders wiens komst minder gewenst is: de abt van San Juan de Compostella. Of zoals Don Gasparo hem noemt " de verontwaardigde vader van uw gemalin. Deze zal ongetwijfeld opnieuw komen fulmineren tegen de aanwezigheid van Leonora Di Guzmann aan het hof. Alfonso geeft echter te kennen haar nooit te zullen opgeven. ( aria: " Vien, Leonora, a piedi tuoi "). Leonora, die van Fernando's overwinning gehoord heeft komt binnen. Zij beklaagt er zich over bij Alfonso, dat haar positie aan het hof zo ongelukkig is. Hij heeft haar met valse beloften onteerd, en zij is nu niets meer dan de minnares van de koning ( duet: " In questo suolo "). Alfonso troost haar met de verzekering dat ze in ieder geval koningin zal zijn van het feest dat hij gaat geven. Don Gasparo fluistert hem echter in dat hij bewijzen heeft dat Leonora hem ontrouw is. Hij  heeft een brief onderschept die voor haar was en die een liefdesverklaring bevat. Leonora, die er mee geconfronteerd wordt, geeft het onmiddellijk toe, maar weigert te zeggen van wie die brief is. Op dat ogenblik komt Balthazar op, die een verontwaardigde boetepreek tegen de koning afsteekt. Alfonso zegt dat hij desnoods van de koningin zal scheiden en dat hij tenslotte koning is  en kan doen wat hij wil. Balthazar heeft echter een pauselijk decreet waarin Alfonso met de banvloek bedreigd wordt als hij Leonora niet van het hof wegstuurt ( ensemble: " Paventa del furor "). Hij geeft de koning echter nog een dag tijd om zich te beraden.

Akt. 3

4° Toneel: een zaal in het paleis.

Fernando, die inmiddels aangekomen is, is vervuld van de gedachte dat hij wellicht nu hier zijn onbekende beminde zal terugvinden. Alfonso gaat bij Gasparo te raad om een oplossing voor zijn probleem te vinden. Hij geeft bevel in ieder geval Inez gevangen te nemen. Hij spreekt daarna Fernando aan, en dankt hem voor de bewezen diensten. Traditie getrouw vraagt hij hem welke beloning hij wil hebben, waarop Fernado zegt dat hij de hand zou willen van een adellijke dame die zijn liefde heeft opgewekt. Alfonso staat dit bij voorbaat toe, maar is hoogst verbaasd als Fernando Leonora als zijn geliefde aanwijst. Alfonso fluistert haar in, niets te zeggen en willigt Fernando's verzoek in. Op sarcastische toon wenst hij het jonge paar geluk toe ( aria en ensemble : " A tanto amor ") . Leonora alleen in de zaal achtergebleven, is ten prooi aan emoties. Dat zij Fernando's gemalin zal worden, is iets dat zij nooit had durven hopen, maar dan dient hij toch eerst terdege op de hoogte te zijn van haar verleden. Wat zal zijn  houding zijn ? Zij zingt nu haar grote ( aria: " O mio Fernando ") met de ( cabaletta : " " Su cru deli ") . 

Daarna  geeft ze Inez opdracht Fernando van alles op de hoogte te brengen. Inez wordt echtert door Don Gasparo gearresteerd voor zij Fernando kan spreken. Voor het huwelijk plaats heeft bevordert Alfonso Fernando tot graaf van Zamora en markies van Montreal. De hovelingen zijn hierover verontwaardigd. Is dat alles vanwege de verdiensten, of omdat de koning zijn maitresse op die manier respectabel maakt ? Ze blijven mopperen, terwijl Fernando Leonora naar de kapel voert waar het huwelijk wordt ingezegend. Als Fernando na het huwelijk terug komt, en de hovelingen aanspreekt, weigeren  deze hem de hand te drukken en zij geven zulke schampere opmerkingen ten beste, dat Fernando zijn degen trekt. Balthazar komt echter tussen beide en verneemt wat er gebeurd is. Als hij hoort dat Fernando met Leonora Di Guzzmann getrouwd is deelt hij hem mee wie deze figuur eigenlijk is. Fernando voelt zich onteerd. Als de koning binnenkomt geeft hij hem zijn titels en onderscheidingen terug. Hij werpt hem zijn  gebroken zwaard voor de voeten, en gaat met Balthazar naar het klooster terug.

Akt. 4

5° Toneel: het binnenhof voor de kapel.

Het bedrijf begint met een monnikenkoor, waarin Balthazars ( solo: " splendon piu belle in ciel le stelle "). Uit zijn gesprek met Fernando maken we op dat de koningin van Spanje is overleden. (Fernando's zuster) en hier in de kapel ligt opgebaard. Hij moet nu echter naar een jonge pelgrim toe die 's nachts ziek, in het klooster zijn  toevlucht heeft gezocht. Fernando zal deze morgen zijn geloften als monnik afleggen. Hij kan het verraad van zijn koning en van Leonora niet vergeten ( aria: " Spirto gentil " ) . Hij gaat daarna de kapel binnen , waarop de jonge pelgrim opkomt, die niemand anders is dan Leonora, die haar gemaal in mannenkleren komt zoeken. Hij is ziek en feitelijk al stervende, maar wil zijn vergiffenis afsmeken. Terwijl zij voor het kruisbeeld geknield zit, hoort zij in de kapel de dienst waarin Fernando de wereld vaarwel zegt. Deze komt naar buiten en wil de ongelukkige pelgrim helpen. Hij deinst terug als hij haar herkent, maar Leonora smeekt om vergiffenis, en deelt hem mede dat zij gepoogd heeft om hem te voren van haar verleden op de hoogte te stellen ( duet: " Pietoso al par d'un Nume) . Fernando's liefde voor haar flakkert weer op. Hij wil met haar vluchten, naar een ander land, waar niemand hen kent (duet: " Vieni ah, vieni, io m'abbandono "). Het is echter te laat, Leonora sterft in zijn armen. Balthazar geeft de monniken opdracht voor haar zielerust te bidden. Voeg daar morgen uw gebeden voor mij bij, is Fernando's laatste woord.

Historische uitvoeringen. 

Deze opera werd voor het eerst  opgevoerd aan de " l' Opera de Paris " natuurlijk in het Frans, dit zou zo doorgaan tot 1894. Vrij vroeg was er ook een Italiaanse vertaling, die in première ging in 1842 te Padua onder de titel " Leonora Di Guzzmann " en aan de Scala van Milaan in 1843 onder de naam " Elda " met in de titelrol Marietta Alboni die ook alhier te Gent de titelrol zou vertolken in 1849. (foto terug te vinden in het album "Diva's van de 19 de eeuw)

De Londense première was in een Engelse vertaling aan de " Drury Lane Opera " in 1843 met de sopraan Emma Rossier en twee jaar later in 1845 werd de opera vertolkt in het Frans aan Covent Garden en in het Italiaans aan " Her Majesty's Theatre in  1847. De Amerikaane première was in 1843 te New Orleans ook in het Frans door de " French Opera Company " die deze opera ook zou brengen in New York. Aan de"  Metropolitan " moest men wachten tot 1895 ook in het Italiaans. 

Aan de Scala kwam er toen een reprise onder de leiding van de legendarische dirigent Toscanini in 1897. Latere grote Leonora's waren Giuseppina Cobelli en Felia Litvinne, Ebe Stignani, Guilietta Simionato, Fedora Barbieri en Elena Nicolai Wren van jongere generaties.

Historische uitvoeringen in de lage landen.

In Nederland werd het werk niet opgevoerd tot 1924 in het Italiaans met Giuseppina Zinetti als Leonora. In 1954 als een concertante in het concertgebouw te Amsterdam, onder Arturo Basile met Giacomo Lauri-Volpi een der grootste Fernando vertolkers van zijn tijd.

In België hield de Franse versie hardnekkig stand tot 1957 met Lucienne Delvaux in de titelrol en in 1959 met Rita Gorr. 

We vinden in Gent reeds heel vroeg een eerste vertoning om 23 december 1841 in de originele versie van Parijs met Marneffe als Leonora, Carles als Ines, de voor Gent legendarische tenor Espinasse als Fernand was in die tijd even beroemd als de Franse tenor Gilbert Duprez, Haly als Alphonse, Hébert als Balthazar. In 1843 met Laty-Albery. Op 22 oktober 1848 en op op 20 november 1849 met Paul Barriolhet die de rol van Alphonse gecreëerd had, hij zong hier van 1848 tot 1850 en op 6 november 1849 zou Marietta Alboni de rol van Leonore voor haar rekening nemen zij bleef hier vast zingen te Gent tot 1870. Op 8 december 1865 met Polmyre Wertheimber zij zong te Gent tussen 1856 en 1866. Op 8 februari 1865 met Rosine Bloch die hier zong tot 1889. Op 27 oktober 1884 met Jean Noté als Alphonse. 

In de tweede helft van de 20ste eeuw vinden we als Leonora Adriana Lazzarini, Lucienne Delveaux (foto hierboven ) Rita Gorr, Dorothea Pallade, Alesandrina Milcheva, Jean Lafont, Lucien Cattin, Jan Joris en Louis Landuyt als Alphonso, Antonio Nardelli, Tony Poncet en William Duprez als Fernando's. In het totaal 268 voorstellingen waarvan  256 in het Frans en 12 in het Italiaans.

Discografie en Cinégrafie.

Op het internet zijn er in het totaal 45 volledige opnames geregistreerd en opvallend veel in de Franse versie. De oudste is van 1912.

1) 1912 de vroegste opname in een Franse vresie onder François Rulhmann met Ketty Lapeyrette, Robert Lassalle, Henri Albers, Robert Marvini koor en orkest " Opera-Comique de Paris " op Pathé Black Disc: 21 x78s en vanaf 1983 op Lp Bourg BG 4001- (3Lp's) en vanaf 1998 op Cd- Marton 52010-2 (2 Cd's).

2) 1955 een Italiaanse versie onder Alberto Erede met Giuletta Simionato, Gianni Poggi, Ettore Bastianini en Jerome Hines koor en orkest " Maggio Musicale Fiorentino " op Decca compact Disc: decca 452-49-2 (2Cd's)

3) 1974 terug een Franse versie onder Richard Bonygne met Fiorenza Cossoto, Luciano Pavarotti, Gabriel Bacquier en Nicolai Chiaurov koor en orkest " Teatro Comunale di Bologna. op Compact disc: Decca " grand Opera " 430038-2 (3 Cd's 1990).

4) Voor het eerst op DVD 1999 onder Antonello Allemandi met Kate Aldrich, Yijie Shi, Ludofic Tezier, Giovann Furlanetto, koor en orkest Theatre du Capitole Toulouse ook in een Franse versie op DVD Opus Arte.

 

" La Favorita " Donizetti

Daar ik op Youtube geen volwaardige complete voorstelling vind kies ik voor enkele merkwaardige historische fragmenten . De eerste zijn hoogtepunten met de legendarische Tony Poncet en onze eigen Rita Gorr opgenomen in 1968 aan de opera van Marseille in 1968 de montage en audio band zijn van Freddy Verschaffel met dank.

" La Favorita " Donizetti

Een bijzonder mooie opname in een Italiaanse versie van 1905 van de aria van Fendando " Spirto Gentil " gezongen door Alessandro Bonci. Opname van 1905

" La Favorita " Donizetti

Nog een prachtige opname van 1910 Felia Litvinne (1860-1936) met de aria: " O mon Fernand " opname van 1910.

" La Favorita " Donizetti

Briljante vertolking van Elina Caranca als Leonora in " La Favorita " van Donizetti 2016 .