" Dialogues des Carmélites "

" Dialoges des Carmélites "

foto Scott Schumann.

" Dialogues des Carmélites "

Joyce Castle en Rita Gorr 1989. foto Ron Scherl.

" Dialogues des Carmélites "

Anne Catherine Gillet foto: studio Delestrade.

" Dialoge des Carmélites "

" Dialoges des Carmélites "

Francis Poulenc

Opera van Francis Poulenc in drie akten en 12 tonelen.

Libretto van Georges Bernanos gebaseerd op een novelle van Gertrude von Le Fort.

Inleiding.

Voor de Koninklijke Opera van Gent de belangrijkste creaties na de tweede wereldoorlog (1959). De novelle van Gertrude von Le Fort is door de dichter Georges Bernanos ( 1884-1948)  tot een drama verwerkt. De menselijke grootheid in deze geschiedenis reikt ver boven alle confessionele gegrippen uit. Bernanos behandelt dit werk, dat hij het laatste jaar van zijn leven schreef, als een thema des tijds, dat tot een positief christelijke oplossing wordt gebracht. Francis Poulenc (1899 - 1966) voelde zich door het onderwerp, dat ook de hedendaagse mensheid raakt, diep geschokt. In de schaduw van WO II, te midden van een verwoest Europa en de bijna nog rokende ovens van de concentratiekampen, schreef hij de opera van het geloof waarin " De angst " plaats maakt voor het geloof zoals hij het zelf uitdrukte. Het was geen gemakkelijke opgave om de ontwikkeling van de hoofdpersonen duidelijk te volgen enerzijds, en anderzijds in een stuk waarin nagenoeg uitsluitend vrouwen duidelijk voorkomen, om de gelijkvormigheid te vermijden. Beide opdrachten zijn door Poulenc op meesterlijke wijze verwerkt. Zijn melodieën zijn evenals in " Pelléas et Mélisande " van Debussy volledig ontleend aan het natuurlijke spraakaccent , zodat de tekst helder en duidelijk gestalte heeft gekregen. De gebeurtenissen op het toneel worden afgewisseld met symfonische intermezzi van sterke uitdrukkingsrijkdom, in menige scéne komen prachtige vrouwenkoren voor, ook van bovenaardse tedere uitwerking. " Dialogues des Carmélites " kreeg zijn eerste uitvoering op 26 januari 1957 in de Scala van Milaan, ondanks in het Frans gecomponeerd, was de première  in een Italiaanse vertaling .

Rolverdeling.              Stem.      Cast Milaan.        Cast Parijs.

Zuster Blanche ---------------------sopraan ------------- Virginia Zeani ------------------ Denise Duval

Priores de Croissy ---------------------alt ---------------Gianna Pederzini -------------Denise Scherley

Zuster Constance novice -------- sopraan -------------Eugenia Ratti ------------------ Liliane Berton

Moederoverste Marie -----------mezzo-sopraan ------ Giglola Frazzoni --------------------Rita Gorr

Zuster Jeanne ------------------------alt --------------- Vittoria Palombini ------------Janine Foeurier

Zuster Mathilde -----------------mezzo-sopraan ------ Fiorenza Cossotto ------ Geséle Desmoutier

Zuster Lidoine , nieuwe priores -----sopraan  -----------Leyla Gencer ---------------Régine Crespin

Markies de la Force ----------------- bariton ------------Scipio Colombo ---------------Xavier Depraz

Ridder de la Force, zijn zoon -------tenor -------------Nicola Filacuridi ------------Jean Giraudeau

Thierry, een lakei ------------------- bariton ----------- Armando Manelli ----------------Michel Forel 

Javelinot, een dokter -------------- bariton ----------- Carlo Gasperini ---------------------Max Conti

Officier ------------------------------- bariton ----------- Michele Cazzaro -------------- Jacques Mars

Kapelaan ------------------------------- tenor ------------ Alvino Manelli ------------------Michel Forel 

plaats en tijd: Parijs in het klooster Carmel tussen Compiegne tijdens de Franse revolutie                                1789-1792. 

Akt. 1

1° Toneel: de bibliotheek ten huize van de markies de La Force.

Die zit in te dommelen als zijn zoon plotseling binnenkomt en vraagt waar Blanche is. Hij heeft gehoord dat er onlusten in de stad zijn en dat de koets van zijn zuster door het gepeupel zou zijn aangehouden. Dit schrikt de markies op, want het herinnert hem aan het voorval negentien jaar geleden op de dag waarop zijn vrouw een miskraam kreeg, zij stierf diezelfde avond, het leven schenkend aan Blanche. Haar broer is niet zozeer voor haar veiligheid beducht dan wel voor haar ziekelijke verbeelding. Het lijkt wel of de angst diep in haar zit, als het merg en been. Algauw blijken de zorgen voor niets te zijn want Blanche komt behouden thuis. Zij is zelf  verwonderd zich zo dapper gedragen te hebben op zo'n gevaarlijk moment.  Is het gevoel  soms zoals met koud water , waarvoor men eerst bang is , maar waaraan men wel went als men er eenmaal in is ? Zij is vermoeid en trekt zich op haar kamer terug. Haar vader zegt er voor te zorgen dat zij een kandelaar krijgt, omdat het schemerdonker haar altijd melancholisch stemt. De chevalier gaat naar de paarden zien en de markies dommelt terug in. Plotseling klinkt er een  doordringende gil vanuit Blanches kamer. De knecht Thierry zegt dat hij met licht binnen kwam, en dat Blanche waarschijnlijk van zijn schaduw geschrokken is. Het schijnbaar onbenullig voorval heeft echter grote gevolgen. Het doet Blanche besluiten om in het klooster te gaan, als Carmelietes. Daar zal ze misschien innerlijke rust vinden en haar vader staat haar dit toe.

2° Toneel: de spreekkamer in het klooster van de Carmel in Compiegne. 

Blanche heeft door het hek een gesprek met de priores, die oud en ziek is en daarom in een rolstoel moet zitten. Zij wordt door deze ondervraagd en zegt dat zij als kloosternaam die van zuster Blanche de l' Agonie du Christ gekozen heeft, wat de priores doet opschrikken. Het is duidelijk dat Blanche haar sympathie en belangstelling heeft.

3° Toneel: in de toren van het klooster. 

Blanche en zuster Constance , een jong en zonnig meisje, rangschikken provisie die hun wordt aangereikt en zij voeren een gesprek. Constance vertelt hoe ze zes weken voor ze in het klooster ging nog gedanst heeft op de bruiloft van haar broer. Haar onverstoorbaar goed humeur ontlokken een bitse opmerking aan Blanche, waarop Constance voldaan zegt dat ze dit opzettelijk zei om haar te plagen. Ze weet dat ze te vrolijk is, vooral nu de priores nu ziek is. Ze stelt voor om samen hun levens aan God aan te bieden in ruil voor dat van moeder-overste. Blanche weigert dit, waarop Constance zegt altijd jong te hebben willen sterven. ook weet ze dat God haar dit zal toestaan en dat zij samen met Blanche zal sterven, maar hoe en wanneer kan ze niet zeggen. Blanche is woedend en noemt haar een demon.

4° Toneel: de ziekenkamer van het klooster.  

De priores ligt op sterven. Zij vraagt zuster Marie de l'Incarnation hoe lang de dokter haar nog te leven geeft . Die ontwijkt het antwoord en zegt dat zij een langzame en moelijke dood zal kennen. Zij beveelt Blanche speciaal bij Marie aan en zegt dat deze voor God verantwoording zal moeten afleggen voor wat er met dit meisje gebeurt. Blanche komt binnen, voor een afscheidgesprek met de moeder-overste. De dokter, Javelinot brengt  een bezoek maar weigert haar opnieuw medicatie te geven. De priores herinnert hem eraan dat het gebruik in het klooster is dat een stervende priores officieel afscheid van de zusters neemt. Ze heeft daar te weinig kracht toe en vraagt haar de medicatie te geven. Als Marie haar zegt niet aan hen te denken, maar aan God werpt de priores bitter tegen dat God eerst liever aan haar moet denken. Marie is gechoqueerd en zegt dat de moeder-overste ijlt. Zij laat snel de deur sluiten opdat niemand haar zou horen. Plotseling spreekt de priores met hese stem als een orakel, zij ziet de kapel leeg en onteerd, het altaar vernield en overal bloed. Ze wil de pijn als een masker van haar gezicht trekken. Marie geeft opdracht dat de zusters haar vandaag niet meer mogen zien, waarop de priores haar luid bevel tracht te geven .....maar haar stem begeeft het. Op dat ogenblik komt Blanche binnen en het is duidelijk dat dit de wens van de stervende was. Die fluistert haar, haar laatste woorden in, dat ze bang is voor de dood.

Akt. 2

5° Toneel: de kapel. 

Moeder-overste ligt opgebaard. Constance en Blanche houden de wacht. Constance gaat aflossing halen en Blanche, die niet alleen te durft blijven, wil juist de kapel verlaten als ze op zuster Marie stuit. Die zegt dat een verzuimde plicht niet kan worden goed gemaakt, maar Blanche verdedigt zich dat ze meer kou dan angst heeft. De volgende scéne is een kort intermezzo, dat zich voor het gordijn afspeelt. Constance en Blanche brengen bloemen voor de dode aan en vragen zich af of zuster Marie haar opvolgster wordt. Zij zijn geschokt door de onwaardige dood van de priores, maar Constance zegt dat het is of zij de dood van een ander gestorven is. Het is of God het sterven van twee mensen heeft verwisseld, want deze dood past geheel niet bij haar karakter. Het was of zij in de vestiaire een kledingstuk van een ander ontving. Die ander zal ongetwijfeld later merken hoe makkelijk het sterven haar zal vallen.

6° Toneel: de kapittelzaal.

De nieuwe priores is geïnstalleerd en houdt een toespraak tot de zusters. het is echter niet zuster Marie , zoals verwacht werdt,  zij voelt zich gepasseerd. De scéne eindigt met een Ave Maria. 

Weer volgt een kort intermezzo voor het gordijn. Er is aan de kloosterpoort gebeld en zuster Marie komt de priores zeggen dat Blanches broer zijn zuster komt spreken. gezien de tijdsomstandigheden staat zij dit onderhoud, dat tegen de regels is, toch toe , maar geeft Marie opdracht er achter een scherm toch aanwezig te zijn.

7° Toneel: de spreekkamer.

De chevalier is gekomen om Blanche naar een veiligere plaats over te brengen, daar hun vader vindt dat zij hier gevaar loopt. Zij weigert echter om mee te gaan of anders de angst voor de angst. Zij blijft echter bij haar standpunt, en haar broer gaat onverricht terzake heen. Tegen Marie spreekt Blanche haar vrees uit dat hij uit trots zo gehandeld heeft, maar haar broer is toch tevreden over haar houding.

8° Toneel: de sacristie.

De priester heeft zojuist de mis gelezen, en neemt afscheid van de zusters. Samen zingen zij een Ave verum. Blanche vraagt hem wat hij gaat doen en hij zegt dat hij vogelvrij verklaard is, maar zich als een boer vermomd heeft en zich in de nabijheid van het klooster zal ophouden en de zusters als het enigszins mogelijk zal komen bezoeken. Een der nonnen vraagt zich verontwaardigd af waarom de goede Fransen niet ter verdediging van hun priesters komen, waarop de priores opmerkt dat in tijden waarin de priesters mankeren , de martelaren in overvloed aanwezig zijn. Zuster Marie vat deze woorden fanatiek op, en zegt dat alle nonnen martelaressen moeten worden opdat Frankrijk zijn priesters terug krijgt. Kordaat zegt de priores dat zuster Marie haar woorden verkeerd uitlegt en dat het niet aan hen is te beslissen wier namen in het gebeden boekje zullen komen. Er wordt aan de poort gebeld en de priester vlucht langs een zijdeur. Het gepeupel dringt binnen maar wordt in toom gehouden door twee commissarissen, die het decreet van expulsie voorlezen. Zij kunnen ongezien het klooster verlaten , mits zij geen commune vormen en zich niet met priesters inlaten. Zuster Marie heeft een gesprek met een der commissarissen, die haar influistert zelf koster geweest te zijn, maar nu noodgedwongen met de wolven mee huilt. Als bewijs van zijn betrouwbaarheid waarschuwt hij zuster Marie voor enkele verraders en geeft hij zuster Marie enkele dagen tijd om het klooster te verlaten, ook zal hij zorgen dat zij wereldse kleren krijgen. De moeder-overste gaat vooruit naar Parijs, om voor logies te zorgen. Blanche is door die gebeurtenissen geheel uit haar lood geslagen. Haar veilig toevluchtsoord is verdwenen. Om haar te troosten brengt de oude zuster Jeanne haar een beeldje van het kindeke Jezus, dat op de kerstnacht altijd in alle cellen gebracht wordt. Als Blanche het aan wil nemen, schrikt zij van het buiten weerklinkende " Ca ira " en laat het beeldje op de stenen vloer stukvallen.

Akt.3

9° Toneel: de verwoeste kapel.

De kapel ziet er uit zoals de gestorven priores ze  in haar visioen heeft gezien. Alle nonnen zijn te samen en zuster Marie wil de vermomde priester haar plan laten uitvoeren. Deze weigert echter en zegt nu zelf dat het goed zou zijn indien alle zusters martelares zouden worden tot eerherstel van het klooster en heil van het vaderland. Tenslotte zegt zuster Marie dat ze er zullen stemmen, en dat slechts één stem tegen het plan zal doen vervallen. Alle nonnen begeven zich één voor één achter het altaar om hun stem aan de priester uit te brengen. Enkelen stoten elkaar aan en zeggen op Blanche wijzend dat er zeker één stem tegen zal zijn. Constance hoort dit. Inderdaad deelt de priester mee dat er één stem tegen was, maar Constance zegt onmiddellijk dat zij dit geweest is en dat zij dit herroept, daardoor het besluit unaniem makend. Blanche barst in snikken uit. De vrouwen doen nu twee aan twee hun gelofte tot martelaarschap, beginnend met de twee jongsten Constance en Blanche. Terwijl de anderen hen volgen, vlucht Blanche het klooster uit.

Terug een kort intermezzo voor het gordijn . Twee officieren komen de zusters uitgeleide doen uit het klooster. Zij wensen hun geluk met hun loyale houding en waarschuwen hen verder goede burgeressen te zijn. De priores geeft zuster Marie de opdracht de priester te waarschuwen niet te komen om de mis te lezen, daar hij daardoor te veel gevaar zou lopen. Zuster Marie is onwillig. Als men zo voorzichtig is, hoe kan men dan martelares worden ?

10° toneel: de bibliotheek ten huize van de markies.

Blanche is nu dienstmeid in haar vroeger ouderlijk huis, men denkt dat dit de veiligste vermomming is. Zij is echter bezig voor het eten te zorgen, als zij plotseling bezoek van zuster Marie krijgt (ook in wereldse kleren vermomt) . Die komt haar zeggen dat het ogenblik aangebroken is. Maar Blanche wenst uitstel.  Ze zegt dat haar vader gegiullotineerd is en dat zij hier nu in dienst is en slecht behandeld wordt dat ze zelfs geslagen wordt. Zuster Marie wekt haar trots terug op door haar plotseling aan te spreken bij haar kloosternaam en zij geeft haar het adres waar zij zich moet vervoegen. Blanche zegt niet te zullen komen, maar zuster Marie is overtuigd van wel.

11° Toneel: in de conciergerie.

De nonnen wachten in de gevangenis op hun veroordeling. Men mist echter Blanche en Marie in hun gezelschap. De priores spreekt hen toe en zegt dat gelofte in  haar afwezigheid en tegen haar wil werd afgelegd. Maar zij is voor hen verantwoordelijk en zal wel voor alle bestwil zijn. Constance vraagt wat er van Blanche geworden is en zegt stellig te weten dat die zal komen. De cipier komt dan op en leest het doodvonnis voor. De priores neemt emotioneel afscheid van haar zusters.

Terug een intermezzo voor het gordijn. Op straat ontmoet zuster Marie de priester die haar vertelt dat alle zusters ter dood zijn veroordeeld. Marie zegt dat zij er bij hoort en dat zij de zusters niet zonder haar  zal laten sterven . De priester zegt haar echter dat ze de gelofte van martelares aan God heeft afgelegd en daarom geen rekenschap aan de zusters schuldig is. Als het God behaagt haar van haar gelofte te ontslaan dan is dat zijn recht.

12° Toneel: " de Place de la Révolution ", met de opgestelde giullotine. 

De Carmelitessen worden op een wagentje voorgereden. De priester is vermomd in het publiek aanwezig en geeft hun ongemerkt de absolutie. Eén voor één beklimmen ze het schavot, de priores als eerste. Zij zingen een Salve Regina, dat gepointeerd wordt door het vallen van de bijl. Het koor wordt steeds kleiner, tot er nog maar enkele stemmen over zijn. Tenslotte bestijgt de laatste het schavot. Het is Constance, die plots vlak onder zich Blanche opmerkt. Als ook haar stem abrupt door de valbijl wordt afgesneden bestijgt Blanche ook de trappen, onder het zingen van het laatste vers van het Verri Creator. 

 

 

 

" Dialogues des Carmélites " van Francis Poulenc

Het is moeilijk om van deze opera een waardige video of audio te vinden om op deze site voor te stellen. Om toch van de muziek van Francis Poulenc eens te kunnen genieten heb ik gekozen voor de minst slechte oplossing. Het positieve aan deze voorstelling is dat ze gezongen is in de Franse versie en het ook weerspiegeld wordt in het tijdsbeeld van de Franse Revolutie. Het zwakke punt is wel in de regie dat de guillotine scéne gespeeld wordt zonder giullotine waardoor het tijdsbeeld wat ongeloofwaardiger wordt.

" Dialogues des Carmélites " historische uitvoeringen.

Denise Duval de eerste zuster Blanche tijdens de première te Parijs op 21 juni 1957

Voor Poulenc deze opera schreef, had hij heel weinig voor theater gecomponeerd. Alleen zijn ballet " Les Biches " genoot bekendheid, en in 1952 verwekte hij opzien met de eenakter " Les Mamelles de Tirésias " die aan de Opera-Comique werd opgevoerd. Niemand had verwacht dat dit voormalige enfant terrible der " Six " tegen zijn zestigste voor de dag zou komen met een grote opera die zou blijken een der belangrijkste en meest gespeelde werken van de 20 ste eeuw zou worden. Hoewel in het Frans geschreven beleefde deze opera haar première in het Italiaans aan het " Teatro alla Scala " van Milaan op 26 januari 1957 onder de leiding van Nino Sanzogno. De vertolkers waren : Virgina Zeani als Blanche, Gianni Pederzini als Marie, Eugenio ratti als Constance, Leyla Gencer als de tweede priores, Vittoria Palombini als  Jeanne, Fiorenza Cossoto als Mathilde, Scipio Colombo als de markies, Nicola Filaciridi als de chevalier en Alvino Masciano als de priester. Het was op slag een enorm succes en men beschouwde deze première als een der grootste operagebeurtenissen van de 20 ste eeuw. Op 21 juni van dat zelfde jaar volgde de Franse versie aan de Opera van Parijs onder de leiding van Pierre Derveau met Denise Duval als Blanche, Denise Scharley als de priores, Rita Gorr als Marie, Liliane Berton als Constance, Régine Crespin als de nieuwe priores, Janine Fournier als Jeanne, Giséle Desmoutiers als Mathilde, Xavier Depras als de markies, Nicola Filacuridi, Alvinio Misciano als de priester. H.M.V. verzorgde de eerste historische opname van deze première en algemeen wordt er aangenomen dat deze opname nog altijd beschouwd wordt als de beste ooit. Na deze premiére volgden aan alle grote operahuizen in de wereld tal van succesrijke producties aan de Londense Covent Garden, San Francisco opera, Keulen, Wenen, Triëst, Rome, Lissabon, en een televisie productie in Amerika en natuurlijk aan onze eigenste " Koninklijke Opera van Gent " in het speelseizoen 1958/59.

Historische uitvoeringen in de lage landen.

In het speelseizoen 1958/59 hadden we reeds te Gent en voor België de première op 13 februari 1959 met Marian Balhant als Blanche, Luccienne Delveaux als de priores, Huberte Vercrey als zuster Marie, Geri Brunin (ook Bruninx) als de nieuwe priores, Lia Rotier als Constance, Yola De Gruyter als zuster Jeanne, Mimi Daemers als Mathilde,  Stanny Bert als de chevalier, Plumat als de markies en Antoon Lamot als de officier en Francis De Paepe als de dokter, onder de leiding van Robert Ledent en de regie van Karel Locufier. Met deze bezetting  waren er vier voorstellingen in Gent zelf en ook nog eens gastvoorstellingen aan de Munt te Brussel, Oostende, Charleroi, Luik en Luxenburg. Deze productie met dezelfde bezetting  is nog eens hernomen in op 15,17 en 24 september 1967 in het kader van het Festival van Vlaanderen en dit ter herdenking van de dood van de componist. Ook nog eens met een gastvoorstelling door het " Centre Lyrique de Wallonie " op 26 februari 1980 in het Frans met Maryse Patris, Surais, Le Bris, Frantz, Grawez, Techene en Graus als voornaamste vertolkers onder de leiding van Rossel en de regie door  Vanderweyen dus een totaal van 18 voorstellingen vanaf de eerste première in 1959.  

Discografie - Cinégrafie.

Ondanks het grote aantal producties op de planken is er toch in verhouding weinig audiomateriaal beschikbaar, er zijn wel enkele video opnames beschikbaar waar weinig degelijk materiaal tussen zit. 

1) De belangrijkste historische opname blijft dus nog altijd de live opname door H.M.V. van de 2 de première in juni 1957 aan de " Nationale Opera van Parijs " Blanche werd toen gezongen door Denise Duval die de favoriete was van de componist met verder nog de topcast zoals Régine Crespin, Liliane Berton en onze eigen Rita Gorr als zuster Marie. Er wordt algemeen aangenomen dat zij de beste vertolkster ooit was van die rol die ze zal blijven vertolken tot op hoge leeftijd (1998 ze was toen 72 jaar ze is op het podium gebleven tot haar 82 ste stond toen 59 jaar op de planken ), zij was ook door de componist uitgekozen voor die rol. Vele grote mezzo's hebben deze rol vertolkt waaronder Lucienne Delveaux en Barbara Dever om er maar enkele te noemen. Deze opname wordt algemeen bestempeld als de belangrijkste en beste ooit. Op CD bij Warner EMI classics 5099994822823 .

2) Tegenwoordig zijn er verschillende uitvoeringen beschikbaar op DVD een opname van 2004 een Franse versie aan de Scala van Milaan met Dagmar Schellenberger, Gordon Gietz, Gwynne Geyer, Barbara Dever, Laura Aikin, Annamaria Popescu, Sara Allegretta, Mario Bolagnesi, Guiseppe Altonare, Sara Allegretta e.a. allen onder de leiding van Riccardo Muti op DVD Arthous Musik : 107315 (1 DVD).

3) Er is nog één noemenswaardige opname op DVD van 2013 met het Philharmonisch orkest  " Des Champs-Elysees onder leiding van Jeremie Rhorer op DVD Erato 0825646220694.

Historische foto van Lucienne Delvaux als moeder-overste en Marian Balhant als eerste zuster Blanche voor de eerste creatie voor België aan de Koninklijke Opera Van Gent op 13 februari 1959.
Foto: met dank aan " Operabillia ".

De eerste cast van deze hoger genoemde voorstelling van 13 februari 1959 die toen een première was voor België. Dit Gentse operagezelschap gaf ook gastvoorstellingen te Brussel, Luik, Charleroi, Oostende en Luxenburg.

Felicitaties van de componist Poulenc, voor de dirigent Robert Ledant, die de gastvoorstelling aan de Munt had bijgewoond.
Francis Poulenc schreef aan de dirigent Ledent het volgende:
Nogmaals bedankt meneer Ledent voor de mooie creatie in Brussel, ook mijn oprechte gelukwensen aan alle vertolkers en het koor.

Ook Lia Rotier als zuster Constance in dezelfde productie te Gent in 1959
foto: privécollectie