Jules Massenet (1842-1912)

Jules Massenet (1842-1912)

Biografie.

Jules Massenet werd geboren te Montaud in 1842 en overleed te Parijs 1912. Hij was de productiefste zowel op artistiek als op commercieel vlak en de succesrijkste operacomponist tussen 1870 en de eerste wereldoorlog, de " Belle Epoque " van de derde Franse republiek. In vier decennia componeerde hij niet minder dan 30 opera's waarvan er nu  nog een tiental repertoire blijven houden .

Hij is geboren in een officiersfamilie, zijn vader was Alexis Massenet en zijn moeder Adélaide Royer de Manoncour. Jules was de jongste van 11 kinderen. Ondanks het grote gezin kreeg Jules Massenet de eerste muziek- en pianolessen van zijn moeder. Op 11 jarige leeftijd ging hij naar het Parijse conservatorium en studeerde er aanvankelijk bij Adolphe Laurent piano, notenleer en harmonie bij Henri Reber. Vanaf 1861 studeerde hij compositie bij Ambriose Thomas en bij Charles Gounod.

Zijn werk. 

Hij schreef niet alleen opera's meer ook instrumentale muziek voor piano en orkest. In 1861 zijn " Grande fantasie de concert sur le " Pardon de Ploërmel " de Giacomo Meyerbeer voor piano. zeven suites voor orkest, waarvan onder andere de scénes Alsaciennes, scénes Pittoresques, scénes Napolitaines en de scénes de Férie de bekendste zijn. Hij schreef in 1870 ook nog een symfonie.

Zijn vocale werk bestaat uit verschillende oratoria en cantates, de bekendste " Louise de Mézieres waar hij de prijs van Rome mee won en nog eens een tweede werk voor contrapunt en fuga in 1863. Aan de prijs van Rome was een éénjarig studieverblijf in Italië verbonden tussen 1864 en 1865. In die tijd leert hij ook Frans List kennen.

Zijn opera's werden bekender. De lyrische muziektaal was de grondslag van zijn vroegere werken zoals in " La Roi de Lahore " (1877), " Manon "1884), " Werther "(1892) en " Thais " (1894) als belangrijkste . Massenet reageerde op muzikale stromingen, maar hij absorbeerde ze eerder, dan dat hij zich aan hen overgaf. Zo beproefde hij in " Le roi de Lahore" en " Le Cid " (1885) het Meyerbeerse genre van de Grand Opera, en maakte in " Esclamonde " (1889) een eerbetoon aan Richard Wagner en in " La Navarraire" (1894) volgde hij de muzikale stromingen van het verisme.

Hij was een veelzijdig componist, rijk aan nuances en wendingen en verhief deze rijkdom tot zijn  scheppend credo. Dit kwam tot uiting in zijn genre aanduiding die hij zelf gaf aan zijn werk zoals: Opera Romanesque - Drame Lyrique - Epizode Lyrique -Pièce Lyrique - Comedie Chantée - Drame Musicale - Comédie Héroique en Opera Légendaire.

Massenets neiging tot variëren en differentiëren toont zich in details. Voorbeeld in " Manon " hanteert hij tussen de beide tradtionele uitingsvormen van de Opera Comique, het spreken en zingen een groot aantal overgangsvormen waardoor een harmonie en evenwicht ontstaat tussen woord en muzikale taal. Bij " Werther " gebruikte hij het principe van het door componeren van tekst zoals bij Wagner. Hij eist een onophoudelijke wisseling van toonhoogte, stijl van voordracht en uitdrukking, die hij met honderden aanwijzingen voor intonatie, frasering, dynamiek becommentarieert. Een belangrijke behandeling en de betekenis van de taal in Massenets compositiestijl, om die in overeenstemming te brengen leerde hij de tekst van zijn libretto's van buiten. De muzikale finesses plooiden zich dan naar het Franse idioom. Dat hij altijd dicht bij de taal bleef is mede verantwoordelijk voor de zwefendekwaliteit van de muziek en voor haar lyrisme.

Zijn Stijl.

Een altijd aanwezige karakteristiek van de componeerstijl van Massenet is zijn subtiel spel met tempo en klankkleur. Daar ligt het gevaar voor de uitvoerders : wie uitsluitend noten naspeelt haalt er niet meer uit dan schrale klanken. Een niet subtiel aanvoelen van de muziek betekent onvermijdelijk dat de gevoeligheid, fragiliteit en de transparantie wegvallen en de gekunsteldheid overblijven.

Zijn laatste levensjaren.

Vanaf 1879 maakt hij reizen over de ganse wereld, Brussel, Den Haag, Amerika, Londen, Milaan, Buenos Aires, Rio de Janeiro, Praag enz... In 1895 werd hij tot Commandeur de la Legion d'Honneur benoemd. Hij was van 1878 tot 1896 professor in de compositie aan het conservatorium te Parijs, waar later beroemdheden tot zijn leerlingen behoorden zoals Gabriel Pierre, Georges Marty, Paul Vidal, Xavier Leraux, Gustave Charpentier, Henri Renaud en Florent Schmitt. Hij werd gelauwerd door zijn collega's componisten die vele composities aan hem opdroegen zoals Francis Poulenc en Claude Debussy.

In 1910 werd hij president van het Institut de France. Jules Massenet zou op 70 jarige leeftijd overlijden te Parijs in 1912

Zijn composities.

Hij schreef 19 grote orkestwerken - 14 werken voor harmonie orkest - 12 werken voor missen en oratoria, cantates en motetten - 39 opera's - 2 operettes - 3 baletten - 18 vocale werken voor stem en koor - 1 werk voor kamerorkest - 8 werken voor piano.

Zijn belangrijkste opera's die nog altijd repertoire houden.

1) " La Grand' Tante " 3 april 1867 Parijs Opera Comique.

2) " Meduse " .

3) " Le roi de Lahore 27 april 1877 Parijs Opera Gernier.

4) " Don Cézar de Bazan " 30 november Parijs Opera Comique verbeterde versie 20 januari

    1888 opera Genéve.

5) " Herodiade " 19 december Brussel Koninklijke Muntschouwburg (1881). Een

     aangepaste  Italiaanse versie op 1 februari 1884  Parijs  Theatre Italienne.  

6) " Manon " 19 januari 1884 Parijs Opera comique.

7) " Le Cid " 30 november 1885 Parijs Opera Garnier.

8) " Werther " 16 februari 1892 Wenen Hofopera .

9) " Thaïs " 16 maart 1894 Parijs Opera Gernier.

10) " Le Jongleur de Notre-Dame 18 februari 1902  Opera Monte Carlo.

11) " Ariane " 31 oktober 1906 Parijs Opera Garnier.

12) " Don Quichotte " 19 februari 1910 Opera Monte Carlo.