" Aida "


Inleiding.

Opera van Verdi in vier akten en zeven tonelen.

Libretto van Camille du Locle en Ghislanzonni.

" Aida " was een bestelling van de Kedive van Egypte ter viering van de opening van het Suez-kanaal. De bron is een schets door de Franse Egyptoloog Eduard Nariette. Dit script is bij de toenmalige directeur van de Opera Comique te Parijs Camille du Locle terecht gekomen. Door toeval werd het doorgespeeld naar Verdi die op dit moment op zoek was naar een Egyptisch drama. Hij heeft onmiddellijk Ghislanzonni onder de arm genomen om samen een bruikbare tekst uit te werken. De opera zou in première gaan op 24 december 1871 onder de leiding van zijn vriend contrabassist, componist en dirigent Giovanni Bottesini. In Italië zou de première enkele weken later gebeuren aan de Scala van Milaan op 8 februari 1872.

Rolverdeling.                        Stem.                   Eerste cast.

Koning van Egypte --------------------------------- bas ------------------------------ Tommaso Costa

Amneris zijn dochter -------------------------- mezzo-sopraan ---------------------- Eleona Grossi

Radames veldheer  -------------------------------- tenor ----------------------------- Pietro Mongini

Amonasro koning der Ethiopiërs ---------------- bariton ------------------------ Francesco Steller

Aida zijn dochter  --------------------------------- sopraan ------------------------ Anastasi Pozzoni

Ramfis hogepriester ------------------------------ bas ---------------------------------- Paolo Medini

Priesteres ------------------------------------------ sopraan -------------------------- Marietta Allievi

Plaats: Memphis en Thebe.

Tijd: tijd van de Farao's .

Akt. 1

1° Toneel: een voorzaal in het paleis van de farao te Memphis. 

De jonge officier van de Egyptische garde, Radames hoort van de opperpriester Ramfis, dat de Ethiopiërs plannen om de Nijldelta aan te vallen. De godin Isis heeft een jonge Egyptische krijgsman uitgekozen als opperbevelhebber en zijn naam zal weldra bekend gemaakt worden. Als dit nu eens Radames kon zijn ? In zijn recitatief en aria ( " Celeste Aida " ) bouwt hij hierover luchtkastelen, omdat hij dan in staat zou zijn de hand te vragen van een Ethiopische lijfslavin van de prinses Amneris. Hij wordt onderbroken door Amneris zelf, die heimelijk verliefd op hem is, en er ook toe bijgedragen heeft tot zijn aanstelling als opperbevelhebber. Ze vermoedt echter dat haar liefde niet beantwoord wordt. Dit wordt bevestigd door Radames reactie bij het opkomen van Aida. Hier volgt een trio ( " Trena che il ver m'apprenda ....." ) , waarin Aida haar angst voor de komende oorlog met haar landgenoten, haar liefde voor Radames, Amneris haar geveinsde sympatie en jaloezie voor Radames en Radames zijn liefde voor Aida en de vrees deze te verraden, uitzingen.

Trompetgeschal kondigt de komst van de Farao met Ramfis de hogepriester en zijn gevolg, aan. Er komt een bode met het bericht dat de Ethiopiërs hun inval begonnen zijn , onder de leiding van hun vorst Amonasro. Die is de vader van Aida, wat de Egyptenaren niet weten. De koning maakt nu bekend dat Radames het leger en de veldtocht zal leiden. Radames wordt door Ramfis naar de tempel  van Vulcanus geleid, waar hij zal geconsacreerd worden . Allen wensen hem een zegerijke toekomst toe waarmee Aida ook instemt.

Als zij echter alleen is achtergebleven realiseert ze zich wat deze wens betekent in haar aria, ( " Ritorna Vincitoer " ): de nederlaag van haar volk en haar vader. Zij wordt verscheurd tussen de tweestrijd van de liefde voor haar volk en die voor haar minnaar Radames.

2° Toneel: in de tempel van Vulcanus. 

Tijdens de sacrale dans der prieseressen wordt Radames binnengeleid waar hij voor het altaar door Ramfis gewijd wordt in dienst van de godheid van Egypte, ( duet: " Nume custode e vindice ") en het zwaard ontvangt waardoor hij tot veldheer wordt benoemd.

Akt. 2

3° Toneel: het verblijf van Amneris in het paleis.

Terwij Amneris door haar dienaressen wordt opgesmukt,  zucht zij om haar geliefde Radames, die de Ethiopiërs heeft verslagen en die dag in triomf in Thebe wordt terugverwacht. aria: ( " Ah vieni amor mio " ) . Kleine moortjes dansen om haar af te leiden. Als echter Aida verschijnt zendt ze allen weg, omdat zij beweert respect te hebben voor haar verdriet. Zij spreekt Aida vrendelijk aan en zegt dat het haar een troost moet zijn om te weten dat de Egyptische veldheer, die haar landgenoten versloeg in het gevecht gesneuveld is. Hier ontlokt ze van Aida een ongewilde bekentenis dat ze Radames eigenlijk lief heeft. Zij gebiedt Aida haar als slavin te volgen naar de triomfantelijke intrede van de zegevierende Radames in Thebe.

4° Toneel: een plein in Thebe.

Hier zal de officiële ontvangst van Radames door de Farao plaats vinden. Hier volgt een uitvoerig ballet waarin Radames uitbundig door de bevolking wordt gehuldigd. Koor: ( " Gloria all' Egitto ") . De Farao staat hem een wens toe en Radames vraagt als eerste gunst de vrijlating der Ethiöpiërs die voorgeleid worden. Onder hen bevindt zich ook Amonasro, Aida's vader. Niemand herkent de geduchte aanvoerder. Ondanks tegenstand van de priesters willigt de koning het verzoek van Radames in, na Amonasro ondervraagd te hebben. ensemble: ( " Quest' anisa chio vesto.... ") en te hebben geboden dat Aida en haar vader als gijzelaars in Egypte zullen moeten blijven. Hij schenkt daarna de hand van zijn dochter Amneris aan de zegevierende Radames, die daardoor troonopvolger wordt. 

Akt. 3

5° Toneel : aan de oever van, de Nijl.

Voor de tempel van Isis nadert een bootje waaruit Amneris en Ramfis stappen. De prinses zal in de tempel de laatste nacht voor haar huwelijk met Radames wakend doorbrengen. Buiten wacht Aida op haar minnaar, voor een laatste samenkomst.( aria: " O patria mia ") . Zij is nog steeds in tweestrijd over haar trouw jegens haar beminde en haar vaderland. Amonasro maakt hiervan gebruik . Hij komt te voorschijn ( duet: " Ciel mio padre " ) en werkt zo lang op haar gevoel voor haar vaderlandsliefde in, tot zij er in toestemt door hem eerst af te wijzen ( duet: " Pur ti riveggio mio dolce Aida ") ze weet hem echter even later te bewegen met haar naar Ethiopië te vluchten, na hem de pracht en praal van dit land te hebben beschreven. ( aria: " La tra le foreste vergine " ) Hoe zouden ze daar echter kunnen passeren zonder de grenswachten te kunnen passeren ? Radames laat zich nu de naam van de pas ontvallen. " Le gole di Natapa " . Amonasro vangt de naam op en komt te voorschijn . Ontzet realiseert Radames zich wat hij gedaan heeft, en vergeefs pogen Amonasro en Aida hem met zich mee te trekken. Op dat moment komen Amneris en Ramfis uit de tempel. Amonasro stort zich met een dolk op Amneris, maar Radames houdt hem tegen en geeft zich aan Ramfis over, terwijl Amonasro en Aida ontsnappen.

Akt.4

6° Toneel: een gang in te paleis dicht bij de rechtzaal.

Radames zal door de priesters berecht worden. Amneris wacht op hun komst, ten prooi aan tegenstrijdige gevoelens van haat en liefde. Haar rivale Aida blijkt ontsnapt te zijn en ze weet niet of ze Radames uit de macht der priesters zal kunnen redden, of aan haar gevoelens voor wraak en jaloezie moet toegeven. ( aria: " L'abrita rivale a me fuggia ") Ze gebiedt de wacht Radames voor te leiden, en biedt hem de vrijheid aan en zelfs meer dan dat ook de troon, als hij haar maar de zekerheid kan geven dat hij Aida zal vergeten. ( duet: " Gia i sacerduti adunansi " ) . Als Radames hoort dat Amonasro bij zijn ontsnappingspoging is omgekomen en Aida toch de kans heeft gehad om te ontkomen is hij verheugd en spreekt hij terug zijn liefde uit voor haar. Woedend levert Amneris hem uit aan de priesters die recht in de rechtzaal . Amneris aanhoort deze rechtzitting, hopend dat hij zal worden vrijgesproken. Als de priesters na het oordeel terug uit de rechtzaal komen, smeekt zij hun om Radames te begenadigen, omdat hij onschuldig is. Zij antwoorden  haar echter dat hij een landverrader is. Amneris slingert hen een vervloeking na en valt flauw.

7° Toneel: het toneel is er in twee gedeeld beneden een keldergewelf en boven een    gebedstonde uit de tempel van Isis.

Radames is veroordeeld tot de dood en zal levend ingemetseld worden. Aida heeft de kans gezien om vooraf de kelder ongezien te betreden , omdat ze samen met haar geliefde wil sterven. Het is nutteloos te proberen de sluitsteen te verplaatsen en beide geliefden wachten in elkaars armen gelaten de dood af. ( slotduet: " O terra addio ") , terwijl boven hen in de tempel Amneris een gebed tot Isis richt om haar minnaar vrede en rust te schenken.

Historisch overzicht.

Verdi componeerde deze opera in opdracht, voor de opening van het Suez-kanaal, om bij de opening ervan in première te gaan in Cairo. Een beetje per toeval kreeg hij een verhaal toegespeeld met het ontwerp van " Aida ", dat hij zeer geschikt vond en onmiddellijk ging hij met Ghislanzoni aan de slag om een geschikte tekst samen te stellen om te kunnen componeren.

In de helft van het jaar 1870 was de compositie klaar, maar door onvoorziene omstandigheden door de Frans-Pruisische oorlog, liep men vertraging op omdat de decors en toneel attributen te Parijs geblokkeerd zaten, zodat de première werd uitgesteld. Eigenlijk liep de eerste opvoering niet echt samen met de opening van het Suez-kanaal, maar was toch een onderdeel van de feestelijkheden aldaar op 24 december 1871 aan het theater van de vice-koning Ismael Pascha in Cairo.

Verdi was echter bij deze voorstelling niet aanwezig omdat hij een afkeer had van lange bootreizen en hij de voorkeur gaf zijn werk te begeleiden in eigen land , om op 2 februari 1872 de eerste Italiaanse uitvoering aan de Scala van Milaan te laten doorgaan. Verdi moest hier een huldiging ondergaan waar bijna geen einde aan scheen te komen samen Tereza Stolz die de titelrol vertolkte.

" Aida " muzikaal.

" Aida " betekent zonder meer een hoogtepunt in de operageschiedenis. De Italiaanse romantische " Grand Opera " heeft met dit werk haar top bereikt, maar wie " Aida " een muziekdrama wil noemen heeft ook gelijk. Men heeft ongelijk als men beweert dat Verdi van Wagner zou hebben geleerd of afgekeken.

De ontwikkeling van Verdi volgt een logische en consequente lijn: zij was gebonden aan dezelfde voorwaarden als waaraan ook de Duitse opera zich niet heeft kunnen aan onttrekken. De algemene tendens van die tijd ging naar de doorgecomponeerde tekst, niet meer volgens nummers ingedeelde opera's, die bovendien psychologische dramatische diepgang had waarin de tekst in een nieuwe verhouding tot de muziek en het hele gebeuren kwam te staan zelfs de door Wagner in zijn glanstijd toegepaste techniek van het leidmotief is in principe niet door hem uitgevonden: Berlioz ( idée fixe ) en List hebben het voor hem gebruikt. En wanneer Verdi in " Aida " eveneens een " liefdesmotief " schiep en dat steeds liet klinken zo vaak er van innerlijke band tussen Aida en Radames sprake was, dan lag dat ook in de lijn van zijn natuurlijke ontwikkeling. In dit drama past Verdi een differentiatie in de instrumenten toe, die tot dan toe in de Italiaanse opera volkomen vreemd was geweest. Verdi stond, ten tijde van die compositie van dit werk en bijna zestig jaar oud op het hoogtepunt van zijn inspiratie in zijn kunst. In Aida komt er geen enkel zwak moment voor.

Historische uitvoeringen in de lage landen.

" Aida " is een opera die vanaf zijn prille begin repertoire is blijven houden. Over de ganse wereld. Na de twee premières in Cairo en Milaan ging deze opera reeds in Amerika in première in 1873. Heel vroeg in Parijs de Italiaanse versie in " Theater des Italiens " en in 1880 volgde er een eerste Franse versie. 

In Nederland stond " Aida " op het repertoire van alle gezelschappen. Legendarische vertolkingen met Aida's als Gina Cigna, Emilia Piave, Serafina Di Leo, Germana Di Giulio, Irma Vigano, Alida Vane. Amnerissen als Rhea Toniolo, Guiseppina Zinetti, Rosita Cesaretti, Nini Giani, Maria Valverde. Radamessen als Lupato, Constanino, Zerola ( ook te Gent in 1905) Battagla, Breviaro en Veronas. Amonasro's als Reali Parigi, Nava en Rossi-Morelli. In Brussel vindt men machtige vertolkers terug als Mariette Mazarin, Felia Levinne, Claudine Boons, Huberte Vécray. In Lucienne Delvaux en Rita Gorr heeft België zowel te Gent als Brussel en Luik twee der beste vertolkers op wereldniveau tot het einde van de twintigste eeuw.

De eerste geregistreerde opvoering te Gent is reeds vroeg van 1881 in de Franse versie met All Davi als Aida, Varelli als Amneris, Luise Maes als de priesteres, Verhees als Radames, Pelissan als Amonasro, Coste als Ramfis, Van Damme de koning van Egypte. De eerste Italiaanse versie was van 1905 met Hélène Feltesse als Aida, Goreta als Amneris, Nicolas Zerola als Radames, Arrighetti als Amonasro, Vermont als Ramfis, Darnaud als de koning van Egypte . Verder is deze opera altijd repertoire blijven houden. Met in het speelseizoen 1977/78 een gala voorstelling met nieuwe decors. In het totaal voor 175 voorstellingen waarvan 133 franstalige en 42 Italiaanse voorstellingen.

Historische opnames.

Het is terug onmogelijk alle volledige opnames te omschrijven: er zijn er zo maar 261, van deze zeer populaire opera van Verdi, geregistreerd.

1) een eerste die we kunnen beschouwen als zeer vroege historische opname is van 1906 met als Aida Terasa Chelotti, Orazio Consetino als Radames, Vittiria Colombatials Amneris, Giovanni Novelli als Amonasro, Alfredo Brondi als Ramfis. Deze opera is uitgekomen op  15 x 10" enkelzijdige 78t/platen. Black Disc. Zonophone 1266478.

2) Een tweede  ook  een zeer mooie uitvoering is die onder de leiding van George Solti van 1961 met het Theater orkest van  L'opera di Roma met Leontine Price als Aida en onze eigen Rita Gorr als Maneris, de Canadese tenor Jon Vickers, Robert Merrill als Amonasro en Giorgio Tozzi als Ramfis. Black Disc. RCA LSC 6185 ( 3LP's) en op compact disc. Decca 417416-2 ( 3 Cd's) deze opname is niet beschikbaar op video VHS en DVD.

3) Een merkwaardige opname die ook op DVD beschikbaar is, is die van 2006 aan de Scala van Milaan onder leiding van Riccardo Chailly met Violeta Urmana als Aida, Roberto Algna als Radames, Ildiko Komlosy als Amneris, Carlo Guelfi als Amonasro en Giorgio Giuseppini als Ramfis verkrijgbaar op Compact Disc. " The Opera Lovers " AID 200601( 2Cd's) en op DVD - Decca 0743209 ( 2007)

4) Nog een vermeldingswaardige opname is die aan de Munt van 2004 onder de leiding van Kaushe Ono, met Norma Fantini als Aida, Marco Berti als Radames, met Ildoko Komlosy als Amneris en Mark Doss als Amonasro en  Orlin Anastosov. Muzikaal in orde, alleen vind ik de regie nogal futuristisch.   

 

Dolora Zajick als Amneris 1989.

Andrea Mohin als Aida.

" Aida " van Verdi

Roberto Algna zingt de aria, " Celste Aida "

Roberto Alagna als Radames .

Marco Vrotogna als Amonasro.

Marcelo Alvares als Radames en Dolora Zajick als Amneris.

" Atda " Productie opera San Francisco 1981

" Aida " van Verdi een San Francisco productie van 1981 met Margaret Price als Aida, Luciano Pavarotti als Radames, Stefenia Toczyska als Amneris, Simon Estes als Amonasro en Kurt Rydl als Ramfis, onder de leiding van Garcia Navarro.

  • Antonetta Anastasi-Pozzoni 1871

    Was een Italiaanse sopraan geboren te Venetië in 1846 en overleden in Genua 1914. Deze sopraan zou later evolueren naar mezzosopraan. Ze studeerde in Sint-Petersburg en ze debuteerde in 1864 te Milaan in een concert waar ze de cavatine zong uit de opera van Rossini " Zelmira ". Kort nadien zong ze Magriet uit " Faust " van Gounod aan de Scala van Milaan. Ze zong later nog te Modena, Bresccia, Palermo, Rome, Florence en Napels. Ze creëerde de rol van Aida uit de gelijknamige opera van Verdi bij de opening van het Suez-kanaal te Cairo. Ze behaalde nog successen in opera's zoals " La Favorita " , " Faust ", " La Traviata ", " Willem Tell ", Moise et Faraon " . Op het einde van loopbaan zong ze nog te Buenos Aires, Madrid en Barcelona. Ze overleed op 68 jarige leeftijd te Genua in 1914.
    De foto is van de première Aida in Cairo 1871.

  • Pietro Mongini 1839 - 1874

    Deze Italiaanse tenor was vooral bekend door zijn helder stemgeluid. Hij is geboren te Rome in 1839 en overleden te Milaan in 1874. Hij creëerde de rol van Radames uit " Aida " in Cario samen met Anastasi-Pozzini . Hij begon zijn carrière in 1853 in Genua. In 1855 maakte hij zijn debuut te Parijs als Edgardo in " Lucia di Lammermoor " van Donizetti. In 1857 zong hij in Regio Emilia in " Anna Bolena ook van Donizetti. In 1858 zong hij voor het eerst in de Scala in Verdi's " Il Vespri Siciliani ". In 1860 zong hij in Milaan in " Oberon " van Weber. Van 1862 tot 1873 zong hij vast aan Her Majesty's Theatre te Londen hij zong er Don Alvaro in Verdi's " La Forza Del Destino " 1867 en aan Covent Garden zong hij Genaro in Verdi's " Simon Boccanegra in 1868 en in " I Puritani " van Bellini in 1862. Het hoogtepunt in zijn carrière is de wereldpremière van "Aida " in Cairo waar hij de rol van Radames creëerde in 1871. Hij zou vrij vroeg overlijden op amper 38 jaar in 1874.

  • Paolo Medini 1837-1911

    Deze Italiaanse bas is geboren in Molimela op 25 januari 1837 en overleden in Salo op 2 januari 1911. Een eerste vermelding van een optreden is van 1860 in de première van " Judith " van Achille Peri aan de Scala van Mil In 1862 vinden we hem terug in opera's van Bellini en Verdi aan het Theater Communale van Bologna . Na 1863 begint zijn internationale carrière aan het Theatro San Carlos in Lissabon in 1867 en in het Theatro Real Madrid . In 1868 zou hij Don Carlos zingen in Bologna als ook de rol van Sparafucil in " Rigoletto ". Een hoogtepunt in zijn carrière is wel de creactie van de hogepriester Ramfis in Aida te Cairo in Egypte. Hij zou later in 1874 deze rol nog eens vertolken in Cairo. In 1875 zou hij samen met Verdi en Tereza Stolz ook nog optreden te Parijs , Londen en Wenen. Hij zou ook nog onder Verdi zijn Requiem zingen dan schrijven we al 1876. De rol van Ramfis zou hij ook nog zingen aan de Scala en de rol van Kardinaal Brongi uit " La Juive" van Halévy . In 1883 stopt hij met zijn podiumprestaties omdat zijn stem vermoeid en sterk verzwakt is. Hij trok zich terug in zijn Villa in Salo waar hij zou overlijden in 1911.

  • Giuseppe Fancelli 1833-1887

    Geboren in Florence in 1833 en overleden in Florence in 1887. Deze Italiaanse tenor wijdde zich aan zijn muzikale studie te Milaan. Er zijn aanduidingen dat hij zou debuteren in " Willem Tell " van Rossini en in " I Barbieri di Seviglia " vermoedelijk in 1859/60. In 1862 zingt hij aan Theatro in Rome als Arturo in " I Puritani ' van Bellini en Edgardo in " Lucia di Lammermoor " van Donizetti. Ghislanzoni zou hem in 1866 aanwerven aan de Scala van Milaan waar hij de rol van Radames zal creëren in de eerste Italiaanse Uitvoering in Italië zelf in 1872, aan de zijde van de prima donna Tereza Stolz. In 1868 speelde hij de titelrol in Verdi's " Don Carlos ". Ook in " Un Ballo in Maschera " en in " La fille du Regiment " van Donizetti en in " La Sonnambula ". Ook nog eens de hoofdrol in " La Traviata " . In 1870 maakt hij ook furore de Covent Garden in Londen met " Lucrecia Borgia " ," Lucia di Lammermoor " , " Medée " van Cheribini, " Oberon " van Meyerbeer en nog eens " La Traviata " en in " Les Hugenots van Meyerbeer , zelfs in " Lohengrin " van Wagner in Londen. In 1873 en 74 zong hij ook nog in Cairo samen met Maria Waldmann in Aida. Hij zou nog zingen tot 1875 in Lissabon. Nadien vinden we nog weinig gegevens terug. Hij zou overlijden in december 1887 op 54 jarige leeftijd.