Fanny Heldy (1888-1973)

Fanny Heldy (1888-1973) als L'Aiglon Monta Carlo 1937

Deze lyrische sopraan werd geboren te Ath, Henegouwen België. Ze studeerde te Luik en maakte debuut aldaar in de premiére van " Ivan le Terible en in 1910 te Gent en even later aan de Muntschouwburg te Brussel. Na haar debuut aan de " Opera Comique " te Parijs werd ze gevraagd aan alle grote operahuizen van Frankrijk en evolueerde haar carrière ook internationaal. Toen ze in 1937 de première zong van Honeggers opera " L'Aiglon " was ze reeds in de herfst van haar loopbaan die even voor de WO II stopte in 1939 met de laatste voorstellingen van deze mooie opera waar ze eigenlijk operageschiedenis heeft geschreven te Parijs. Ook in 1923 met haar vertolking op plaat van " Manon " met een ware topcast van toen . Een beknopte beschrijving van haar loopbaan vind je in de rubriek de drie " Manons " Je kan er tevens de volledige opname van toen 1923 beluisteren en bekijken . Fanny Heldy was tussen 1919 en 1939 echte wereldtop .

Fanny Heldy " La Traviata " 1929

Bij gebrek aan opnames van de opera " L'Aiglon " laat ik haar stem bewonderen door een opname van 1929 in de rol van Violetta uit Verdi's opera " La Traviata ".

Gita Nobis (1920-1990)

Gita Nobis (1920-1990) als L'Aiglon Brussel 1947. Foto; Operabilia.

Bij Gita Nobis ontdekte men al heel vroeg haar muzikaal talent . Ze volgde haar opleiding zang en lyrische kunst aan het " Koninklijk Conservatorium van Brussel " bij de beroemde Belgische bariton Armand Crabbé en op haar 19 de behaalde ze de tweede prijs zang, ze vervolmaakte zich in 1941 en deed auditie aan de Muntschouwburg bij Corneil de Thoran en George Dalman en dat in 1944 resulteerde in haar  debuut in  " Lakmé " aan de " Munt ". Ze zong erna nog tal van rollen in opera's zoals " La Traviata " van Verdi, " Cavaleria Rusticana  " van Mascagni, " ze zong ook Michaela in " Carmen " van Bizet, " Manon " van Massenet, in " Les Noces de Figaro " als Chérubin van Mozart, in " Les Cloches de Corneville zong ze Serpolette, ze vertolkte de drie vrouwen rollen in " Les Contes d'Hoffmann net als Vina Bovy in 1936, ze creëerde de rol van de prinses in de opera " Leopolds Samuel in 1946 en creëerde ook de rol in de Belgische eerste na-oorlogse première van " l'Aiglon " als Le duc de Reichstadt (l' Aiglon) in 1947. Ze zong er ook operettes , " La Vie Parisienne " , " Le Pays de du sourire " en"  La Chaste Suzanne ". Ze bleef er vast tot 1957 en gasteerde nog tot 1961. Ze zong ook nog aan de " Théâtre Royal de Liège " in " Mignon, Carmen, Las Dragons de Villars, Le roy d'Ys en Cavalaria Rusticanna als Santuzza " . 

Gita Nobis debuteerde te Gent op amper 23 jarige leeftijd in 1943 in " I Pagliacci " van Lenoncavallo en zou er optreden van 1943/45 en van 1954 tot 1965. Dus in volle oorlogsperiode samen met Berthe Van Hyfte en dit wel in één van de moeilijkste periodes van de Gentse operageschiedenis, waar het culturele gebeuren volledig werd gedomineerd en gecontroleerd door de bezetter ( lees de rubriek " Gent tijdens WO II ") 

Ze maakte toen deel uit van de meest representatieve artiesten van die tijd aan de stadsopera van Gent samen met Antoinette Bauters, Jeanne Wegler ( zus van Nina Bolotine ) , Nina Bolotine en Yola De Gruyter, de tenoren Theo Beets, Karel Locufier, de baritons Armand Crabbé, Coen Jochem, Charles Bogaerts en Frans Tourtenel die hetzelfde jaar nog zou overlijden, we mogen Jules De Mulder niet vergeten een geboren Ledebergenaar die te Gent zou blijven tot op het einde van zijn loopbaan 1979. Tal van opera's en operettes zijn te zien zoals "Manon, La Traviata, Le Postillon de Longjumeau, Fidelio, Rigoletto, Peter Grimes, Les Huguenots, Cosi fan tutti. L'Aiglon zong ze in de herneming van 1954 na de première van Vina Bovy in 1950 ook terug tal van operettes kwamen aan de beurt zoals " Die Florentinische Nächte, La Sirène au Pays des Hommes en Le Pays de sourire, La Vie Parisienne.

Ze gasteerde verder aan het " Grand Théâtre de Verviers ", aan het " Casino van Knokke ", aan de theaters van Namur en Mons  het " Théâtre des Variétés " en " au Palais des Beaux-Arts te Charleroi ". Ze gasteerde ook enkele keren internationaal te Hilversum en in Luxembourg ( in 1951-1953 - 1954)  

 Ze had een wondermooie en krachtige stem en beschikte tevens over verbluffende muzikaliteit . Te Gent blijft ze zingen tot 1966, maar helaas wordt het einde van haar loopbaan ontsierd door overdadig alcohol gebruik en door meerdere moeilijk relaties en liefdesperikelen die niet zonder gevolgen bleven voor haar stem, nadien wordt het stil rond haar ze trekt zich terug uit het openbaar leven. Tegen het einde van haar leven opent ze nog een klein atelier in " haute couture " in de winkelgalerij aan de " avenue Louise " Ze laat ons nog enkele zeldzame opnames na opgenomen voor Belgische radioprogramma's en zal overlijden in 1990 op 70 jarige leeftijd.

In de rubriek" Gent tijdens WO II " kan je het enige opnamefragment horen die ze ons heeft nagelaten uit Donizetti's " La fille du regiment ".

 

Met dank aan: Claude - Pascal PERNA - Cavatine:  

http://www.ars-bxl.be/CPP.html 

Vina Bovy (1900-1983) " De Mythe "

Vina Bovy (1900-1983) als l'Aiglon Gent 1950. Foto: Operabilia.

Vina Bovy is eigenlijk een Gentse " MYTHE " geworden door haar flamboyante carrière. Geboren te Gent op 22 mei 1900 en overleden op 16 mei 1983 op 83 jarige leeftijd. De aanvang van haar loopbaan was op 21 januari 1918 waar ze debuteert in de Nederlandse schouwburg te Gent als Ergentine in " De twee biljetten " van Poise en zes maand later speelt ze de rol van Hänsel in de opera " Hänsel und Gretel " van Humperdunck. Voor het seizoen 1920/21 wordt Vina Bovy toen nog Malvina Bovy aangeworven als lyrische sopraan. Op vijf maand studeerd ze 13 rollen in waaronder, Mimi, Nedda, Marguerite, Thais en Madama Butterfly. Haar voornaamste podium partners waren toen de bariton Roselli, de tenoren Burdino, Vezzani en Maison, zij zouden stuk voorstuk internationale vedetten worden. 

Tijdens het seizoen 1921/22 treedt ze te Contrex Ville op in de " Galeté Lyrique " te Parijs en in het Palais d'Hiver te Pau. De volgende drie speelseizoenen gaat ze aan de Muntschouwburg te Brussel zingen om haar talenten verder te ontwikkelen en haar repertoire uit te breiden aan de zijde van Fernand Anseau, Dimitri Smirnoff en Joseph Hislop die toen al ook wereldtop waren. Op 9 maart 1925 debuteert Vina Bovy aan de " Opera Comique " te Parijs, in de pers noemt men haar daar een kunstenares van groot formaat. Niemand had toen maar het vermoeden dat Vina een van de meest briljante sterren  in de operawereld zou worden van de eerste helft van de twintigste eeuw. Ze zou er tot 1949 meer dan 200 voorstellingen geven. Te Parijs wordt ze ook ontdekt door Aruturo Toscanini de meest legendarische dirigent van zijn tijd. Op zijn aandringen gaat ze in Italië studeren om zich voor te bereiden in het Italiaanse repertoire en de Italiaanse belcanto. 

Weldra neemt haar carrière een internationale wending en debuteert ze aan de " Colon " te Buenos Aires met Tito Schipa als De Grieux in " Manon ", te Barcelona en te Monte Carlo met Armand Crabbé en Vanni Marcoux onder leiding van Victor Sabata. Tussen 1930 en 1935 is het stil rond Vina Bovy door de liefde. Ze is gehuwd met de Italiaanse prins waarvan ze een zoon krijgt. Ze heeft echter in die periode niet stil gezeten en haar zangtechniek en studie onderhouden zodat ze in 1935 terug een comeback kon maken. Eerst gaat ze terug naar Gent en debuteert ze als Rosina in Rossini's opera " Il Barbiere di Seviglia " en ook terug aan de Munt en naar Parijs. 1935 is voor haar een glansjaar. Tulio Serafin vraagt haar voor een reeks voorstellingen aan het " Theatro Recole dell'Opera di Roma " samen met Dino Borgioli, Dino Galeffi, Fernando Auori en Sabatini Bacialoni. Aan de Colon zingt ze samen met Benjamino Gigli in " Manon ", " La Somnambula " en " la Bohéme " en tenslotte maakt ze een tromfantelijke comeback aan de Parijse Opera waar ze samen met Georges Thill nog meer dan een decennia zal schitteren. 

In 1936 debuteert ze aan de " Metropolitan " te New York in " La Traviata " van Verdi en de vertolking van de vier vrouwen uit " Les Contes d'Hoffmann ", dit wordt door Olin Donnes in de New York times als een meesterlijke prestatie omschreven zonder weerga, dit had haar in Amerika nog niemand voorgedaan. Later zou enkel nog navolging krijgen door onze Gentse Diva Hilda De Groote. 

Terecht wordt Vina Bovy beschouwd als een ideale " Manon " en een onvergetelijke Violetta. Maar ze is veel meer dan dat. Ze is ook een grote Mimi in " La Bohéme ", Marguerite in " Faust " , een Gilda in " Rigoletto " , Rosina in " Il Barbieri di Seviglia ", " Lakmé ", " Thais " en in " Les Contes d'Hofmann, en nog meer dan dertig andere opera's door de critici geprezen en niet in het minst door haar inthousiast operapubliek op handen gedragen. Meer dan 500 voorstellingen aan de grootste operahuizen  over de ganse wereld is ontegensprekelijk een unieke prestatie voor een zangeres die haar carriére voor bijna vijf jaar onderbrak, naar aanleiding van haar huwelijk en de geboorte van haar zoon en waar de internationale loopbaan ten volle werd beperkt gedurende de oorlogsjaren 1940-45. 

In 1947 zou ze directrice worden van het Gentse Operahuis. Ze zou daar de leiding nemen tot 1955 tot aan haar pensioen. Ze zou tijdens de 7 jaren echter terug ook niet stilzitten en ook nog tientallen voorstellingen zingen en nog in die periode 13 nieuwe rollen instuderen waaronder "L"Aiglon " die ze in 1950 te Gent in première bracht. Maar ze was ook nog een gevierde Desdemona in Verdi's Otello. In 1944 zong ze samen met Louis Mariano aan de " Opera Comique" die toen debuteerde in " Don Pasquale, waar hij samen met haar het duet " Ah viens me dire encore " heeft opgenomen op plaat. Louis Mariano zou later te Gent in 1968 met zijn operettegezelschap naar Gent komen voor een gastvoorstelling. 

Vina Bovy overleed op 83 jarige leeftijd aan een hart aanval. 

Vina Bovy "Manon " live opname van 1950.

Ook van Vina bovy bestaan er geen opnames van de opera " L' Aiglon " daarom uit de periode dat ze deze opera in première zong te Gent tijdens haar directie periode deze mooie radio opname van 1950 van " Manon "
Je hoort de stem van de Franse bariton François Barra die te Gent zong van 1944 tot 1954 en je ziet op de foto de tenor André Laroze die te Gent zong van 1949 tot 1951. Dit is een schitterende opname van Vina Bovy ook in de herfst van haar loopbaan die te Gent zou eindigen in 1955 maar definitief aan het Kursaal van Oostende in 1963 haar allerlaatste belcanto concert waar ze als laatste lied zong " Ik ken een lied " staat ook als lijfspreuk op haar grafmonument.

Géori Boué (1918-2017)

Géori Boué (1918-2017) als L'Aiglon Parijs 1956

Géori Boué deze Franse sopraan is geboren in Toulouse op 16 oktober 1918. Reeds op jonge leeftijd gaat ze in haar geboortestad naar het conservatorium waar ze reeds op 7 jarige leeftijd piano- en harplessen volgt. Op 15 jarige leeftijd volgt ze op advies van haar muziekleraar zang daar hij had ontdekt dat ze over een bijzonder stemgeluid beschikte. Ze neemt deel aan een zangwedstrijd in Toulouze en wint er de eerste prijs. 

Ze debuteert in 1934 aan het " Capitool " van Toulouse waar ze de rollen van Marguerite uit  " Faust " , Juliette in " Romeo et juliette ", Gilda in " Rigoletto ", Violetta in " La Traviata " vertolkt en dit zo'n vijf jaar lang . Dan begint ze aan het grote werk aan de " Opera Comique" te Parijs waar ze werd uitgenodigd door Jacques Rouché en waar ze debuteert in 1939 in " La Bohéme " van Puccini als Mimi. Dit is onmiddellijk een succes maar jammerlijk staan we terug voor de WO II in 1940, waar ze terug naar het zuiden trekt in de niet bezette zone van Frankrijk. Ze wordt er terug ontdekt door een journalist Reynaldo Hahn. Ze had zich ondertussen te Toulon vervolmaakt in komedie en dans en declamatie. Zij zal dus te Toulon samen met de tenor Miguel Villabella " La Traviata " zingen. Daar wordt ze opgemerkt door door Henri Büsser die juist een reconstructie gemaakt heeft van " Mireille " van Gounod. Reynaldo Hahn was zo enthousiast dat hij zijn vriend Louis Beydts contacteerde die dit werk produceerde in het " Theatre Antiques Arles ". Boué zong daar de rol van Mireille en het werd een ware triomf in 1941. 

In 1942 gaat ze terug naar Parijs waar ze van de ene operazaal naar de andere trekt met de vertolking van Mireille in de zaal Favart en in de Garnier zaal met " Thais " ter gelegenheid van het 100 ste geboortejaar van Massenet. Ze wordt er gecontacteerd door Sacha Guitry voor de biografische film over het leven van de flamboyante sopraan  " Maria Malibran " die op amper 30 jarige leeftijd in 1838 te Londen verongelukte. De film komt in 1943 uit. Ze leert er de liefde van haar leven kennen  en in 1944 huwt ze met de toen reeds beroemde Franse bariton Roger Bourdin. Terug aan de " Opera Comique " zal ze " Faust, Le roy D'Ys, Mârouf , Otello " en in 1952 " L"Aiglon " vertolken die na de bevrijding terug van onder het oorlogsstof is gehaald door de legendarische Franse dirigent André Clyutens. Van deze voorstelling wordt er niet direct een opname gemaakt, dit gebeurt 4 jaar later. de drigent Pierre Dervaux trekt met dezelfde cast naar de studio en daar worden de opnames gemaakt om voor een radio-uitzending te worden uitgezonden in 1956. Na de WO II was het mode dat verschillende radiostations belcante of opera-uitzendingen verzorgden. Dit zijn dus de eerste opnames van Honeggers werk. 

Vanaf 1950 loopt haar Internationale loopbaan als een trein, samen met haar man Bourdin treedt ze op in Mexico, Barcelona, Chicago, Rio de Janeiro en zelfs aan de Scala van Milaan in " Pélléas et Mélisande " van Debussy. Na 1960 breidde ze haar repertorium nog uit met Charlotte in " Werther ", Michaela in " Carmen " en Tosca, evenals enkele operettes zoals " Veronique in "La Belle Hélène " van Offenbach en " La Veuve Joyeuse. Ze stopt met haar podium prestaties en gaat als zangpedagoge werken aan het conservatorium van Boulogne-Billancourt van 1969 tot 1975. Na de dood van haar man in 1975 trekt ze zich terug van het openbaar leven en gaat ze bij één van haar dochters wonen in Port-Mort, bij Françoise Bourdin die in Frankrijk een geliefde schrijfster geworden is. Ze zal overlijden op 98 jarige leeftijd op 5 januari 2017.

Haar discografie bestaat ook naast de volledige uitvoering van L'Aiglon ook nog uit een opname van "Faust " en ook nog van " Les Contes d'Hoffman met Raoul Jobin, Renée Doria, en onze Gentse Vina Bovy en zelfs met de Franse komiek Bourvil onder de leiding van André Clyutens, beiden uit 1948. Met haar man heeft ze ons ook nog een wondermooie opname van " Thaïs " nagelaten.

Historische opname " L'Aiglon " 1956

De legendarische voorstelling van 1952 aan de "Opera Comique " van Parijs onder de leiding van André Cluytens is niet direct opgenomen maar vier jaar later is de dirigent Pierre Derveaux met de zelfde bezetting naar de studio getrokken waar men de opname van deze opera heeft gemaakt om dan via de radio te worden uitgezonden dit is dus geen live opname en dateert van 11 januari 1956 en is de eerste volledige opname van dit werk van Arthur Honegger en Jacques Ibert. Met Geori Boué in de hoofdrol.

Anne Catherine Gillet ( 1975)

Anne Catherina Gillet de moderne L'Aiglon Montreal 2016

Geboren te Libramont in België op 20 januari 1975 . studeerde muziek en Arts Lyrique aan het conservatorium van Luik. Op reeds jonge leeftijd werd haar muzikaal talent ontdekt, en werd ze opgemerkt door de directie van " l'Opera de Wallonie van Luik ", waar ze toegevoegd werd aan het gezelschap waar ze haar vroegste operarollen zoals Sofie in " Werther ", Constance in " Dialogues des Carmélites " en Zdenka in Arabelle "  vertolkte . Ze bracht ook deze rollen zowel te Luik als te Toulouse vanaf 2003. In 2006 werd ze gevraagd aan de " Opera van Zurich " en aan de " Opera Comique te Parijs.

Ze bouwde haar repertoire uit met Despira aan het " Theâtre des Chams-Elyseés, Toulouse, en Palais Garnier. Ze had uitzonderlijk veel succes als Michaëla uit " Carmen ". Ze zong grote barokrollen van Poppea en Arice onder de leiding van Christophe Rousset. Ze ontwikkelt zich momenteel met speciale aandacht in het Franse 19 de eeuwse repertorium met het debuut van de rollen van  Massenets " Cendrillon " aan de Muntschouwburg te Brussel, Juliette in Tours, Manon in Lausanne en Leila uit " Les Pêcheurs de Perles " in Nantes, Anger en Luik.

Ze vertolkt ook meer eigentijdse rollen zoals Mélisande in " Pelléas et Mélisande van Debussy, The Governess in " The turn of The screw van Benjamin Britten. Recente hoogtepunten waren Gretel in " Hans und Gretel " van Humperdunck, Ilia in " Idomeneo " van Mozart. Gilda in " Rigoletto " van Verdi aan de Munt, Manon in Lausanne en Monte Carlo aldaar ook Juliette uit " Romeo et Julliette " Pamina in Mozarts " Toverfluit " in Luik en Nice, Adina in l' Elisir d'Amore " van Donizetti aan de Munt en Glenbourne en vooral L'Aiglon " van Honegger met het orkest Symphonique de Montréal in Canada onder de leiding van Kent Magono uitgebracht op Decca in 2016. Ze heeft ook al samen gewerkt met volgende dirigenten: A. Pappano, A.Zedila, Michel Plasson, C.Rizzi, George Prêtre, M.Amilato, P.Davin, K. Ono enz..... Haar internationale loopbaan is nog in volle opbouw. 

Er is geen video geplaaatst